nieuws

De Leidse doofpot

bouwbreed Premium

Het College van Bestuur en enkele stafdirecteuren van de Rijksuniversiteit in Leiden weigeren al maandenlang halsstarrig klare wijn te schenken over de onverkwikkelijke gang van zaken rond de bouw van het Sylvius-laboratorium.

Als argument wordt aangevoerd dat de universiteit geen partij is in het conflict tussen de diverse bij het bouwwerk betrokken bedrijven. Dat is natuurlijk lariekoek. De universiteit voert met inzet van gemeenschapsgeld een po uit, staat borg voor een door ING Bank verleende kredietfaciliteit van f. 6,3 miljoen, heeft een cessie van huuropbrengsten aan de bank verstrekt en bovendien zelf ruim een half miljoen uitgetrokken.

Sinds het stilleggen van het po, in februari dit jaar, komt daar nog eens een half miljoen aan renteverliezen overheen.

En dan blijven mogelijke schadeclaims van potentiele huurders van ruimten in het Sylvius-laboratorium nog buiten beschouwing.

Terwijl aldus vele miljoenen gemeenschapsgeld verspild zijn, geeft de universiteitstop blijk van een middeleeuwse regentenmentaliteit.

Met de weigering om opening van zaken te geven over de wijze van aanbesteding van het po aan lieden die in de bouw als onbetrouwbaar bekend staan, laden het College van Bestuur en een paar stafdirecteuren nadrukkelijk de verdenking op zich er persoonlijk belang bij te hebben de affaire in de doofpot te stoppen.

Dat mag uiteraard niet gebeuren. Tal van bij de bouw van het lab betrokken bedrijven zijn in (grote) financiele moeilijkheden geraakt, mede door het beleid van de universiteit. Zij hebben er recht op te weten wat er zich achter de schermen heeft afgespeeld. Kortom, de onderste steen moet boven. Het zou dan ook een goede zaak zijn als justitie zich in de zaak verdiept.

Reageer op dit artikel