nieuws

Limburg staat verdere suburbanisatie niet toe

bouwbreed Premium

Verdergaande suburbanisatie in Limburg zal niet langer worden getolereerd door het provinciaal bestuur. Volgens Gedeputeerde Staten is dat nodig, omdat de trek van de steden naar het platteland een grote druk op de woningmarkt in de plattelandsdorpen geeft. Ze zijn niet langer bereid meer woningbouw in die dorpen toe te staan. Het beleid zal gericht worden op stimulering van de woningbouw in de steden.

Volkshuisvesting Peter Stuvel Aanleiding tot het nemen van deze harde maatregelen zijn de resultaten van een omvangrijk onderzoek, dat vorig jaar in opdracht van GS is uitgevoerd naar verhuisbewegingen in het Limburgse Heuvelland en de omgeving van Roermond. Doel van die studie was inzicht te verkrijgen in de omvang en de samenstelling van verhuisstromen en de motieven van mensen om van de stad naar het platteland te verhuizen.

Concentratie

Door middel van een concentratiebeleid probeert de provincie sinds 1989 de centraal-ste delijke ontwikkeling te bevorderen en groei buiten de centrumsteden tegen te gaan. Onder meer door hantering van een systeem van richtcijfers voor de woningbouw per woonkern.

De ontwikkeling van de omvang van de woningvoorraad toonde echter aan dat de meeste stedelijke gemeenten in hun taakstelling achterblijven, terwijl veel lokale kernen de richtcijfers ver overschrijden. De vrees bij GS, dat er sprake is van voortgaande deconcentratie waarbij zich verdringingsprocessen voordoen in met name de bestaande voorraad van suburbane kernen, was aanleiding tot instellen van onderzoek.

Dit bevestigt nu dat de trek van de stad naar het platteland nog steeds doorgaat. Alle beleidsmaatregelen van provincie en rijk ten spijt.

‘Lokale woningzoekenden worden van de markt verdrongen door koopkrachtige vragers uit de stad, die gewend, bereid en in staat zijn meer te betalen voor het wonen’, aldus het onderzoeksrapport.

Voor GS is het verdringen van de plaatselijke bevolking door kopers van buiten het dorp (zowel in bestaande als nieuwe woningbouw) onaanvaardbaar. Suburbanisatie leidt tot problemen voor zowel de stad (door het vertrek van mensen met overwegend middelbare en hoge inkomens) als het platteland (bedreiging van de leefbaarheid van de kleinere kernen op wat grotere afstand van de stad).

Bouwen in stad

Om daar wat aan te doen kondigen GS aan niet langer van plan te zijn toe te geven aan de druk op het platteland door meer woningbouw in suburbane dorpen toe te staan. Maar aan de andere kant zien ze ook geen mogelijkheden om de groei van deze dorpen nog verder te beperken dan nu al het geval is.

Meer heil verwachten ze van stimulering van de bouw in de steden: ‘De gemeenten zouden de suburbanisatie ke bestrijden door een gericht bouw- en woonruimteverdelingsbeleid en door regionaal samen te werken. De stad moet haar eigen kwaliteiten maximaal benutten. Dit betekent dat naast specifieke stedelijke woonvormen zoals luxere appartementen, er ook voldoende eengezins-koopwoningen in de midden- en duurdere prijsklassen zouden moeten worden gebouwd. Zon woningaanbod zou in het verleden veel mensen ervan weerhouden hebben uit de stad te vertrekken.’

Een bijkomend aspect is dat door suburbanisatie het autoverkeer fors is toegenomen.

Het onderzoek toont dat onomwonden aan: ‘Er is sprake van toenemend gebruik van de auto en afnemend gebruik van fiets en openbaar vervoer.’

Aantrekkelijk

Oorzaken van suburbanisatie zijn volgens GS de aantrekkelijkheid van het woningaanbod en de woonomgeving in de buitengemeenten en de spanningen op de woningmarkt van de centrumgemeenten. In de steden is vooral gebrek aan eengezinswoningen in een groene ruimte omgeving.

Overigens is het niet zo dat in alle Limburgse dorpen de woningmarkt onder druk staat door de trek uit de steden: ‘De suburbanisatie richt zich vooral op grotere dorpen, met meer dan 4000 inwoners, op korte afstand van de stad. Kleine dorpen, vooral als zij verder van de stad liggen, blijven -net als de steden- vaak achter in hun groei. Het lijkt aannemelijk dat ook zij de nadelen ondervinden van de aantrekkingskracht van de sterk groeiende dorpen.’

Reageer op dit artikel