nieuws

Beursgang Heijmans vervangt een onderhandse plaatsing

bouwbreed Premium

De Verenigde Heijmans Bedrijven ziet af van een onderhandse plaatsing van aandelen. Inplaats daarvan wordt nog voor het eind van dit jaar een notering aan de Amsterdamse beurs aangevraagd. Doel is de versterking van het eigen vermogen.

In april van dit jaar verklaarde de onderneming via een onderhandse plaatsing de stap te wagen naar de Amsterdamse Effectenbeurs. ‘Het klimaat is dermate gewijzigd dat een beursgang en een emissie ons geschikter leek’, aldus J.A.G. Heijmans, lid raad van bestuur Verenigde Heijmans Bedrijven. ‘Een bankensyndicaat onder leiding van Lanschot zal de gang begeleiden.’

Een notering aan de Amsterdamse Effectenbeurs is al jarenlang een wens van de familie Heijmans, de grootaandeelhouder van dit in Rosmalen gevestigde bouwconcern. Met de overname van het beursfonds Breevast eind 1991 leek deze wens in vervulling te gaan. Echter, de overname liep eind maart 1992 spaak. Heijmans: ‘We bereiden ons al enige jaren voor op deze stap. Zo zijn er al enkele aanpassingen geweest in bijvoorbeeld de financiele verslaglegging.’

Francofiel

Niet alleen is de onderneming zich op het financiele vlak aan het versterken. Om de komende decennia verzekert te zijn van grote opdrachten uit de hoek van de spoorwegen heeft men de samenwerking met de Franse spoorbouwer Seco/DG geintensiveerd.

Volgens Heijmans bestaat er al drie jaar een relatie met de Seco-moeder, de middelgrote aannemer Desquenne et Giral (FR1,441 miljard omzet en FR22,3 miljoen winst in 1992). Seco realiseerde vorig jaar bij een omzet van FR397,644 miljoen een winst van FR10,709 miljoen. Op het nieuwe 251 kilometer lange traject voor de ‘TGV-Nord’ heeft de onderneming zich beziggehouden met het aanleggen van rails. Deze activiteiten worden dit jaar nog afgerond.

‘Samen hebben we meegedongen naar de gunning van de verbreding van sporen in Gouda’, aldus Heijmans. ‘Dit was onze eerste vingeroefening. Van de vijf inschrijvers waren we nummer vier. Seco/DG is een goede spoorbouwer en zon onderneming hebben we niet binnen onze organisatie.’

Voor Heijmans is dit niet de enige samenwerking met een Frans bedrijf. Eerder dit jaar werd met de aannemer Soletanche uit Nanterre de joint venture Fundasol opgericht. Deze richt zich op speciale funderingstechnieken.

Verder zijn er nog contacten in Frankrijk op terrein van de wegenbouw. ‘Misschien wordt de samenwerking met Seco ook omgezet in een joint venture. Maar eerst moet het bestaansrecht worden aangetoond’, aldus bestuurder Heijmans.

Betuwelijn

Over een mogelijke bijdrage aan de Betuwelijn doet hij uiterst geheimzinning. Op de vraag of zijn bouwconcern ook een oplossing heeft net als Volker Stevin, Grootint en Heerema blijft hij vaag. ‘We bereiden een oplossing voor. Werk- en studiegroepen van verschillende divisies houden zich met dit onderwerp bezig. Deze staan onderleiding van de directie Beton- en Waterbouw.’

Reageer op dit artikel