nieuws

De historie van ‘Het Laatste Avondmaal’

bouwbreed Premium

Toen de Duitse bommenwerpers over Londen scheerden werden alle kunstschatten van de Britse hoofdstad, inclusief een kopie van ‘Het Laatste Avondmaal’ van Leonardo da Vinci (1452-1519), opgeborgen in de kelders van de Londense Royal Academy. Na de oorlog kwamen deze kunstwerken weer boven water, maar ‘Het Laatste Avondmaal’ bleef verborgen.

Dit schilderij vormde enige tijd geleden het middelpunt van een tentoonstelling over de eerste honderd jaar van het bestaan van de Royal Academy.

Leonardo, afkomstig uit het stadje Anchiano bij Viuci, was als jongen reeds begiftigd met een grote mate van nieuwsgierigheid naar het hoe en wat van de dingen. Omdat hij goed kon tekenen, deed zijn vader hem in de leer bij Andreas del Verrochio, goudsmid, beeldhouwer en schilder. Zijn grote kennis van mathematica boeide Leonardo en van hem heeft hij de grondbeginselen geleerd van zijn latere ‘ontdekkingen’.

Toen Leonardo een onafhankelijk kunstenaar was, kreeg hij in 1578 zijn eerste opdracht:en altaarstuk voor de kapel van San Bernardo in het Palazzo Vecchio in Florence.

Het wonderlijke in het leven van Leonardo da Vinci was, dat hij vaak aan verschillende opdrachten tegelijk bezig was en daardoor niet alles kon voltooien. Intussen was hij ook op een ander gebied actief:hij deed verschillende uitvindingen waarin hij zijn tijd ver vooruit was. Wij denken hierbij aan het ontwerp voor de eerste auto, een radarboot, een machinegeweer en een parachute.

Hij was een van de eersten die met de gedachte speelde dat een mens langs mechanische weg zich door het luchtruim zou ke bewegen. Tussen de bedrijven door goot hij geschut, ontwierp kostuums voor luchtkoeling (air-conditioning) in theaters. Hij schreef toneelstukken met muziek en dans als voorloper van de huidige musicals. Voor Da Vinci was schilderen eigenlijk iets bijkomstigs.

In 1495 kreeg Leonardo van de stadshertog van Milaan Ludovici il Moro (de Zwarte) de opdracht tot het schilderen van een Laatste Avondmaal op de wand van de eetzaal van de paters dominicanen van Santa Maria delle Grazie. Leonardo was toen 42 jaar en hij gunde zich voor deze opdracht wel de tijd, want hij werkte er bijna drie jaar aan. Zijn opdrachtgever vond dat het allemaal veel te langzaam ging en hij maande hem tot spoed. Maar toen Da Vinci zijn opdracht had voltooid was hij toch wel zo tevreden over het resultaat, dat hij Leonardo een grote som geld en een landgoed schonk. Leonardo, die enkele jaren later ook de Mona Lisa of La Gioconda vervaardigde (nu in het Louvre te Parijs), overleed in 1519 en hij was er dus onkundig van dat jaren later de dominicanen-prior dwars door de benen van Christus in de eetzaalwand een deur lieten aanbrengen. Het Laatste Avondmaal ging in de loop der jaren snel achteruit. Reeds in 1569 schreef Giorgio Vasari dat ‘Leonardos oorspronkelijke werkstuk een warboel van vlekken is’ en in 1604 meldde Pietro Moriggia dat ‘Het Laatste Avondmaal tegenwoordig bedorven is’.

Tijdens de zeventiende en achttiende eeuw werd het beroemde schilderstuk door meestal onbekwame kunstenaars gerestaureerd. In 1726 schilderde Michelangelo Bellotti de afgebladerde gedeelten opnieuw in en in 1770 stootte Giuseppe Mazza alle losse bladders met een beiteltje af en bedekte de gehele wand met een laag olie. Tijdens Napoleons optreden in Italie werd de eetzaal van het klooster als paardenstal ingericht. Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd de wand met het Laatste Avondmaal met planken en zandzakken beveiligd maar weer en wind hadden er vrij spel.

Pas tussen 1946 en 1954 slaagde de beroemde restaurateur prof. Mauro Pelliciolie erin ‘Het Laatste Avondmaal’ weer in de oorspronkelijke staat terug te brengen. Maar in 1982 werd opnieuw alarm geslagen.

Onder leiding van prof. Carlo Bertelli, directeur van het Breramuseum in Milaan en ‘Superintendent voor artistieke en historische goederen’ begon men enkele jaren geleden de schildering voorgoed voor het nageslacht te bewaren.

Men deed tijdens deze herstelling enkele merkwaardige ontdekkingen. Zo bleken ‘schimmels en vochtvlekken’ in werkelijkheid een vis-in-mootjes, een citroenschijf op een schaaltje, een mes en een goudkleurige beker te zijn. De baard van Petrus was in de loop der jaren gegroeid en aan de wand van de Avondmaalszaal zaten geen marmeren panelen maar gordijnen.

Een kopie van Leonardo da Vinci’s meesterwerk werd vervaardigd door zijn tijdgenoot en medestudent G.A. Boltraffio (1467-1516). Dit schilderij werd in 1821 door de Royal Academy in London gekocht voor 600 guineas. Het was bestemd als lesmateriaal voor studenten van de academie.

Ook dit schilderij is gerestaureerd en daarbij werd ontdekt dat Thomas een tijdlang twee opgeheven vingers blijkt te hebben gehad; de gerestaureerde vinger was naast de originele geschilderd. Nu is deze uitstekende kopie het middelpunt van de jubilerende Royal Academy.

Reageer op dit artikel