nieuws

Ministerie weigert onderhoud ‘kansloze dorpsscholen

bouwbreed Premium

Het ministerie van Onderwijs weigert geld te besteden aan grondig onderhoud of verbetering van dorpsscholen waarvan de opheffing wordt verwacht. Woordvoerder mr.

drs. Kannegieter van het ministerie heeft dit laten weten voor de afdeling geschillen van bestuur bij de Raad van State in Den Haag.

Het standpunt werd duidelijk in het conflict met de gemeente Tytjerksteradiel. De twee laatste dorpsscholen in deze Friese gemeente, in de kernen Munein en Eastermar, krijgen geen geld voor grondig onderhoud of verbeteringen. Volgens mr. Kannegieter zijn er in de toekomst speciale instandhoudingsbesluiten nodig om dergelijke kleine scholen, soms nu met minder dan 30 leerlingen, te handhaven. Voor de dorpsschool in Eastermar loopt de termijn in 1995 af. Dan geldt zonder nieuwe speciale besluiten de wettelijke ‘Deetman-norm’ van minimaal 49 leerlingen, aldus Kannegieter.

“Op de langere termijn kan deze basisschool daaraan niet voldoen, dan heeft het ook geen zin blijvend gebruik mogelijk te maken via ingrijpend onderhoud en uitbreiding.”

De gemeente Tytjersteradiel heeft woedend gereageerd op deze houding. Woordvoerder E. Castelijn: “Wij willen de laatste basisschool in een dorp handhaven, maar door onderhoud of verbouwingen niet toe te staan, wordt er feitelijk tot afbraak overgegaan. We praten hier over schoolgebouwen uit 1957 en 1869.”

De Raad van State verwacht over deze kwestie in de loop van dit jaar uitspraak te ke doen. Het instandhouden van dorpsscholen leidde in het verleden vaak tot botsingen tussen de onderwijsminister en de Tweede Kamer. Voorstellen voor een minimumnorm omtrent het aantal leerlingen zijn vaak door de Tweede Kamer voorzien van uitzonderingsbepalingen voor kleine geisoleerd liggende scholen om zo de leefbaarheid in kleine kernen niet te veel uit te hollen.

Reageer op dit artikel