nieuws

Reorganisatie DGVH krijgt andere opzet

bouwbreed

Er komt een nieuw personeelsplan voor de medewerkers van het Directoraat-Generaal van de Volkshuisvesting. Bovendien zal de rol van het Utrechte organisatie-adviesbureau Terpstra & Tukker bij de reorganisatie van het Directoraat-Generaal van de Volkshuisvesting worden heroverwogen.

Dit is het resultaat van overleg tussen de Dienst Dienstcommissies en de leiding van DGVH. Zoals bekend was er op het Directoraat-Generaal grote onrust ontstaan over de reorganisatie en de wijze waarop deze door Terpstra en Tukker werd uitgevoerd.

De meest omstreden onderdelen van de reorganisatie waren het geschiktheidscriterium en de kwaliteitskaart. De kwaliteitskaart kon op semi-vrijwillige basis worden verkregen en verschafte toegang tot ‘banenpools’, waar de beschikbare banen werden verdeeld.

De basis voor de kaart vormde een functiebeoordelingsgesprek met het bureau Terpstra en Tukker, dat daarbij bepaald onconventioneel te werk is gegaan.

Omdat er veel spanningen op het ministerie waren ontstaan werd medio november besloten om een extern juridisch adviseur in te schakelen: ambtenarenrechter mr. A. Beuker-Tilstra.

Het advies van Beuker-Tilstra, waarin het gebruik van kwaliteitskaart en geschiktheidscriterium van de hand werd gewezen, blijkt verstrekkende gevolgen te hebben voor de wijze waarop de reorganisatie wordt uitgevoerd.

De kwaliteitskaart en het geschiktheidscriterium zijn verleden tijd. Ze zullen niet meer worden gebruikt bij de herplaatsing van medewerkers.

Eventueel kan een verzoek worden ingediend om de kwaliteitskaart en het bijbehorende dossier te laten vernietigen.

Dit brengt met zich mee dat het personeelsplan van de Inspecties van de Volkshuisvesting (IVH’s) opnieuw zal moeten worden opgesteld. Daardoor is het twijfelachtig geworden of de datum van 1 januari 1993, de dag waarop de nieuwe structuur van acht IVH’s in plaats van twaalf HID’s, nog zal worden gehaald.

Ook vindt heroverweging plaats van de rol, die adviesbureau Terpstra en Tukker bij de reorganisatie vervult. Het gaat daarbij met name om de vraag of en in hoeverre het bureau nog bij de operatie betrokken moet worden.

De dienstleiding zal tenslotte een notitie opstellen, waarin wordt ingegaan op de wijze waarop in de toekomst met het ‘veranderingsproces’ zal worden omgegaan. Daarbij zal ook de overlegstructuur aan de orde komen. “Het is in ieder geval duidelijk geworden dat het overleg zodanig moet worden gestructureerd dat dit tot expliciete besluitvorming leidt.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels