blog

Overheid onderkent onze kijk op duurzaam bouwen

bouwbreed 696

De toezegging van staatssecretaris Van Veldhoven, om een deel van haar klimaatbudget in te zetten voor het Betonakkoord, klinkt mij als muziek in de oren.

Overheid onderkent onze kijk op duurzaam bouwen

Met haar oproep aan publieke opdrachtgevers om het Betonakkoord te ondertekenen, erkent ze dat we als betonsector goed bezig zijn in ons streven naar duurzaamheid. Ik ben daar blij mee. Maar we zijn er nog lang niet. Toezeggingen vanuit de hoogste politieke regionen zijn weliswaar een positief teken; ze moeten eerst nog in harde euro’s worden omgezet. De markt en overheid vragen om innovaties, maar daarvoor is ook stimulans nodig.

Het komt er in de komende periode op neer dat we als sector de overheid nog eens extra moeten overtuigen van de manier waarop we het CO2-vraagstuk benaderen. Ik wil benadrukken dat we met onze CO2-calculaties, MKI-scores en CSC-certificering duidelijk op de goede weg zijn. Maar we kunnen het niet alleen. We hebben de steun van de overheid nodig. Als Den Haag bijvoorbeeld besluit dat we geen vliegas meer in onze recepturen kunnen gebruiken omdat de kolencentrales dicht moeten, dan genereert dit meer CO2-uitstoot in beton, zolang er nog geen alternatieven ontwikkeld zijn. Dat vraagt om vergaande technische innovaties en die kosten veel geld. We lopen in Nederland voor op het buitenland, met een uitstoot van 1.5 procent CO2 tegen 5 tot 7 procent elders in de wereld. We zijn dus al vooruitstrevend bezig, onder anderen in de manier waarop we onze reststromen verwerken; in de betonsector staat recycling al heel lang hoog op de agenda.

Een intensief blijvend contact met de overheid is nu cruciaal. We moeten uitleggen dat we de terugdringing van CO2 als een langetermijnopdracht zien. Willen we dit jaar robuust of demontabel bouwen, dan slaat de CO2-meter in het rood. Maar bereken die waarden eens over een levensduur van minimaal honderd jaar en je krijgt een heel ander beeld. Zo werkt dat met beton. Minder robuust bouwen kan ook, zeker als de CO2-winst op de korte termijn opweegt tegen eventuele risico’s. En er zijn volop projecten die met minder risico toekunnen als overheid, opdrachtgevers en leveranciers het hier samen over eens zijn.

Nogmaals, ik juich de toezegging van de staatssecretaris toe. Nu is het zaak om – net zoals dat met windmolens, elektrische auto’s en duurzame landbouw gebeurt – het enthousiasme in beleid om te zetten. De staatssecretaris staat er voor open. Dat is de eerste winst.


Ronel Dielissen-Kleinjans, Algemeen directeur Mebin

 

 

Reageer op dit artikel