blog

De bouw als lichtend voorbeeld in het klimaatdebat

bouwbreed Premium 202

De bouw als lichtend voorbeeld in het klimaatdebat

Zou het niet enorm gaaf zijn als de bouwsector binnen de klimaatopgave en het bijbehorende debat gezien wordt als lichtend voorbeeld?

Is het denkbaar dat onze sector door haar positieve, vernieuwende en op samenwerking gerichte houding het verschil gaat maken? Dat de bouw de komende jaren laat zien wat er binnen de klimaatopgave allemaal wél mogelijk is en daarvoor in het debat herkend en erkend wordt?

De afgelopen weken heb ik in diverse media de discussies over het klimaat(akkoord) gevolgd. Met verbazing heb ik geconstateerd dat er in dit debat – of het nu politici, de ‘professionals’ of ‘de burger’ betrof – weinig dialoog, samenwerking en al helemaal geen positieve insteek te ontdekken was. Velen blijven hangen in het benadrukken van de noodzaak om in actie te komen. Anderen zijn vooral druk met het afkraken van voorgestelde concrete maatregelen, veelal ‘onderbouwd’ met niet onderbouwde stellingen, persoonlijke politieke voorkeuren of – mijn persoonlijke favoriet – dubieuze zelfgemaakte rekensommen.

De opgave om de leefbaarheid in ons land ook voor de lange termijn te borgen, vind ik daarmee een uitgelezen kans om onze sector positief op de kaart te zetten. Niet langer berichtgeving over verstoorde marktverhoudingen, vertragingen en kostenoverschrijding bij grote (infra)projecten, maar in plaats daarvan dolenthousiaste publicaties over gezamenlijk ontwikkelde innovaties die écht bijdragen aan de klimaatuitdagingen. Andere sectoren die bij ons komen kijken hoe je – door elkaars ideeën beter te maken en ontwikkelde kennis snel te delen – efficiënte oplossingen op snelle wijze breed in programma’s kunt toepassen. Internationale faam en aandacht voor onze expertise (zoals ook geldt voor onze kennis van waterbouw) en een samenwerkingscultuur waarmee we de inrichting van ons land op een effectieve manier verduurzamen.

Een kans die we met elkaar niet laten liggen, toch?


Ralph van Roessel, directeur Tauw

Reageer op dit artikel