blog

Outlethumor (deel 3)

bouwbreed 866

Outlethumor (deel 3)

Ik heb niets tegen factory outlet centers, al mogen ontwikkelaars en trekkers van deze outlets zich best wat meer inspannen te gaan voor echte city outlets zoals Roermond in plaats van perifeer autogemak. Mijn grote weerstand tegen outlets komt voort uit het voortgaande gegoochel met cijfers en grappige verkoopargumenten die nog vaak ook worden geslikt als zoete kletskoek. Toon op basis van echte regionale afstemming met realistische en actuele cijfers uitgaande van principe duurzame verstedelijking gewoon aan dat er ruimte is in de markt en regio.

Ik dacht dat ik er na mijn twee ‘outlethumor’-columns wel was, maar inmiddels staat de argumenten-teller op 30 met dank aan vooral de bestuurders en ontwikkelaars in Zoetermeer en Assen. Inmiddels is de outlet van Zoetermeer ter ziele en buitelt men in Assen over elkaar heen. Hier komen de nummers 21 tot en met 30.

21. Je bluft zoals Zoetermeer gewoon dat je een kwart meer bezoekers trekt als de meest succesvolle outlet van Europa (Roermond), terwijl je weet dat het klantenpotentieel in Roermond drie keer zo hoog is.

22. De hele regio schreeuwt moord en brand over het solistische optreden van het college, maar dit pareer je in de raad gewoon door de burgemeester in de krant te laten roepen de hele regio graag op het stadhuis te ontvangen. Zie je wel dat we de regio serieus nemen.

23. Je eist dat de outlet wat betreft branchering, productkenmerken, ondernemerstypen en doelgroepen onderscheidend is van de binnenstad, terwijl je geen idee hebt hoe dit gewenste onderscheid vast te leggen in afspraken, contracten, bestemmingsplannen en via de omgevingsvergunning. Je noemt maar even niet dat de EU hierin via de dienstenrichtlijn stevige beperkingen oplegt.

24. Keer op keer herhaal je dat een outlet een unieke retailinnovatie is, waardoor je mooi kan afwijken van de nuchtere retailcijfers over de al scheefgegroeide vraag-aanbod verhoudingen op de retailmarkt.

25a. Je voelt de duurzame en gezonde tijdgeest goed aan. In Assen komt moderne en gezonde horeca, het concept krijgt minder (parkeer)asfalt en moet groen en duurzaam worden en er komt een ‘try and buy’-formule voor bijvoorbeeld elektrische fietsen of sportartikelen.

25b. Je gaat nog even verder: het wordt zoveel mogelijk CO2-neutraal, de kleding die er verkocht wordt, wordt onder goede arbeidsomstandigheden geproduceerd. Houdt je je niet aan de regels, dan word je verwijderd.

26. “In de outlet zal (etalage)ruimte beschikbaar zijn voor promotie van de binnenstad Assen, de provincie Drenthe en de omliggende natuurgebieden. Een voorbeeld hiervan kunt u bijvoorbeeld in Bataviastad zien, waar een ‘VVV-achtige’ ruimte de bezoeker ook over de omgeving informeert”. Niets aan toe te voegen.

27. “Er zal jaarlijks een bijdrage van rond de 100.000 euro beschikbaar gesteld worden ter promotie van de (binnen)stad. ‘Dit onder de voorwaarde dat het bedrag gematched wordt door de gemeente en de binnenstad… Er zal jaarlijks een substantieel bedrag voor sponsoring beschikbaar zijn voor evenementen binnen de stad Assen”. Niets aan toe te voegen.

28. “De initiatiefnemer vergoedt anderhalf euro van een parkeerkaartje, als de auto na de OutleTT ook richting binnenstad gaat. Volgens de gemeente kan dat, bij het te verwachten aantal bezoekers aan de OutleTT dat ook doorrijdt naar de binnenstad, 50.000 euro opleveren”. Bijna 1 op de 10 bezoekers zou dus moeten doorrijden naar de binnenstad…..

29. Je ziet als ontwikkelaar de bui hangen en speelt de bekende bureaucratie en trage overheidskaart als excuustruus. In Zoetermeer stopte de ontwikkelaar met het project omdat deze te lang op zich liet wachten: “de gemeente wilde namelijk eerst overeenstemming met woningeigenaren bereiken”.

30. Je stelt op basis van de nieuwste leegstandscijfers dat de aanwezigheid van een outletcentrum  niet automatisch leidt tot meer leegstand in de binnenstad. Locatus laat immers voor de drie FOC-locaties een vermindering van de leegstand zien van 2016 naar 2017: Lelystad van 13,6 naar 12,9 procent, Roosendaal van 17,1 naar 11,9 procent en Roermond van 10,2 naar 7,8 procent. Je zegt daarbij gewoon niet welke investeringen, ingrepen en transformaties plaatsvinden in die centra incl de algemeen dalende leegstandstrend.



dr. Cees-Jan Pen is Lector ‘De Ondernemende Regio’ Fontys Hogeschool Management, Economie en Recht.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels