blog

Wijzigen van contractvorm vereist integrale aanpak

bouwbreed

Wijzigen van contractvorm vereist integrale aanpak

In Cobouw van 27 november jongstleden verscheen een artikel van Joost Merema met als titel ‘UAV-gc valt vrij simpel heel stuk te verbeteren’. De eerste zin van zijn artikel trekt al meteen de aandacht.

Daarin staat: “De nadelen van de UAV-gc, zoals een onevenwichtige risicoverdeling, zijn natuurlijk al breed uitgemeten”. Nu volg ik de literatuur en rechtspraak over de UAV-gc vrij nauwkeurig, maar nergens ben ik tegengekomen dat de in de UAV-gc neergelegde risicoverdeling onevenwichtig is, laat staan dat dit breed uitgemeten zou zijn.

Vervolgens noemt Merema een aantal paragrafen van de UAV-gc die veranderd zouden moeten worden. Zo betoogt hij dat par. 13, bodemaspecten, moet worden gewijzigd, omdat deze verkeerd geïnterpreteerd wordt. In par. 13 UAV-gc staat dat de ontwerpende aannemer verantwoordelijk is voor de afstemming van zijn werkzaamheden op de bodemgesteldheid. Waarom dat een verkeerde bepaling is: ik zou het niet weten. Vervolgens staat in par. 13 lid 4 en par. 13 lid 7 UAV-gc dat de opdrachtgever verantwoordelijk is voor verontreiniging en voor het aantreffen van archeologische vondsten. Dat is ook heel logisch, omdat het per slot van rekening de grond van de opdrachtgever is waarin deze zaken worden aangetroffen.

Vervolgens schijnt er ook iets mis te zijn met de status en hoeveelheid van door de opdrachtgever verstrekte informatie. Maar wat daaraan mis is, laat Merema helaas in het midden. Ook zou ‘de wijzigingenparagraaf’ herzien moeten worden. Wat daar mee bedoeld wordt: geen idee, omdat er geen wijzigingsparagraaf in de UAV-Gc bestaat. Wijzigingen worden immers geregeld in drie paragrafen: par. 14, par. 15 en par. 45. Geen idee wat er aan (één van) deze paragrafen mankeert.

Daarna moppert Merema over het gebrek aan eenduidigheid van begrippen, zonder dit ook maar met een woord te onderbouwen en merkt hij ook nog op dat de UAV-gc niet aansluit op ‘SCB’, dus op systeemgerichte contractbeheersing. Blijkbaar moeten alle opdrachtgevers geloven aan SCB, waarbij hij mijns inziens vergeet dat de UAV-gc het heel goed mogelijk maakt om via SCB te toetsen of de aannemer het werk ontwerpt en uitvoert conform de eisen die uit de overeenkomst voortvloeien.

Praktijkmensen

Over een set van algemene voorwaarden die 10 jaar geleden voor het laatst zijn herzien, valt altijd wat op te merken. Maar als je veranderingen wilt voorstellen, moet je wel eerst goed nadenken over de wijze waarop je die veranderingen wilt bereiken. Merema stelt voor dat praktijkmensen gezamenlijk de inhoudelijke koers van de verandering bepalen, waarna uiteindelijk de juristen onder regie van deze praktijkmensen de uitwerking mogen doen. Deze stelling suggereert alsof juristen niet de praktijk van de UAV-gc kennen en alleen maar goed zijn om te verwoorden wat de praktijkmensen hebben bedacht.

Daarover zou ik Merema het volgende willen zeggen: praat eens met een jurist die zich dagelijks bezighoudt met het bouwrecht, in het bijzonder met d & c-contracten. En lees eens rechtspraak over de UAV-gc, samen met daarover geschreven noten, altijd gemaakt door juristen. Je zult verbaasd staan hoeveel zij weten van de praktijk van de UAV-gc. Het wijzigen van een geïntegreerde contractvorm vereist een integrale aanpak. Dus niet eerst een groepje praktijkmensen en daarna de juristen, maar een groep van praktijkmensen en juristen samen. Ik voeg maar meteen de daad bij het woord: als je mij wil toevoegen aan jouw groep praktijkmensen: bel of mail mij maar, ik kom graag langs.

Pim Herber, jurist bouwrecht
pim.herber@hetnet.nl

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels