blog

Knarsetandend aan de led’s

bouwbreed Premium

Knarsetandend aan de led’s

De kans is groot dat de zak van Sinterklaas in huize Tissink dit jaar een set led-lampen bevat. Het zijn niet zomaar zuinige lampen, maar exemplaren die verbonden zijn met internet. Een speciale bridge in de meterkast verspreidt een eigen netwerkje dat door elke lamp afzonderlijk nog eens wordt versterkt. Daardoor is geen hoek in mijn huis onbereikbaar.   

Lampen die met internet verbonden zijn. Eerlijk gezegd weet ik niet waarom ik dat zou moeten willen. In een flexibel kantoorgebouw, waar voortdurend andere mensen gebruikmaken van de ruimten met wisselende wensen ten aanzien van licht en klimaat, zoals in the Edge in Amsterdam, lijkt het me reuze handig. Het gebouw kent ieders persoonlijke voorkeuren en past de instellingen voor de werkplek automatisch aan. Maar mijn huisgenoten en ikzelf zitten redelijk op één lijn.

Dat ik geen lichtknopjes meer nodig heb om de lampen aan en uit te schakelen, vind ik eerlijk gezegd alleen maar een nadeel. Nu moet ik mijn mobiel tevoorschijn halen als ik ergens licht wil laten schijnen. Ben ik nog niet verlost van dat apparaat dat mij toch al de hele dag achtervolgt en voortdurend van alles van mij wil. Ook de mogelijkheid om op mijn werk, of onderweg al de lampen thuis in te schakelen trekt me niet. Ik heb nooit geprobeerd om potentiële inbrekers op het verkeerde been te zetten door te suggereren dat ik thuis ben, door lampen met een tijdschakelaar aan te zetten. Die angsthazerij. Zoveel te halen valt er ook weer niet.

De duizenden kleurtinten die de fabrikant mij belooft met zijn hyper-leds, verleiden mij evenmin. Ik zou niet weten waarom ik een hoek van mijn woonkamer blauw of rood zou willen laten oplichten.

Dat de led’s energiezuinig zijn vind ik een groot voordeel, al acht ik de kans dat ik de investering ooit terugverdien gezien de aanschafprijs van 60 euro per peertje gering. Ik draag het milieu een warm hart toe, maar doe dat wel graag een beetje kostenefficiënt.

Het grootste voordeel is wat mij betreft dat ik mij door mijn lampen kan laten wekken uit mijn slaap. Vooral in deze donkere maanden lijkt me dat heerlijk. Wakker worden alsof ik door de opkomende  voorjaarszon wordt gewekt.

Daar zijn ook speciale lampen met armaturen voor, weet ik, maar die zijn alweer verouderd en hebben nog wat functies waar ik niet op zit te wachten. Nu ik de stap toch zet, wil ik graag investeren in iets toekomstbestendigs. Over mijn streamende muziekinstallatie ben ik al meer dan een jaar uiterst tevreden. Ook die bouwt zijn eigen netwerkje op binnen mijn huis. Ik hoop stiekem dat de via internet verbonden led-lampen onvermoede kanten hebben die ik nog niet heb kunnen bedenken. Al ben ik sceptisch.

Mijn diepere drijfveer is misschien dat ik aansluiting wil houden met de toekomst. “De toekomst heeft haast” hoorde ik futuroloog Wim de Ridder pas nog zemelen tijdens een bouwcongres. De wet van Moore, 3D-printers, het internet der dingen, disruptie…. alle clichés kwamen uitvoerig langs in zijn presentatie. Niet gehinderd door al te veel kennis van de bouw probeerde hij zijn gehoor vooral een soort angst in te boezemen en het gevoel te geven dat ze in een achterlijke sector actief zijn. Van die school ben ik niet.

Maar ja… je moet toch wat. En ik wil zeker niet dat Sinterklaas stilletjes ons huisje voorbijgaat dit jaar. Want het is toch het mooiste feest dat we kennen in Nederland. Mijn huisgenoten gaan dus aan de led-lampen. Of ze nu willen of niet. Met excuses aan die bouwvakkers die de afgelopen honderd jaar zoveel prachtige sleuven in mijn muren hebben gefreesd en de leidingen netjes hebben weggewerkt achter stucwerk. Jullie werk was altijd al grotendeels onzichtbaar, het is binnenkort ook zinloos. Sorry Laszlo, Pavel, Klaas, Dirk en al die anderen.

Reageer op dit artikel