blog

Dienend opdrachtgeverschap

bouwbreed

Dienend opdrachtgeverschap
Suzanne van de Kerk

Loodgieter (L) meldt zich bij dienend opdrachtgever (D) voor lekkende wc:

L: ”Goedemorgen, Waar staat ie?”
D: “Op deze manier wil ik niet met u samenwerken”.
L: ”Hoezo samenwerken? Ik werk en u betaalt.”
D: ”Ik wil samen met u het probleem bespreken en oplossen”.
L: ”Ik houd er niet van dat iemand zich met mijn werk bemoeit. Ik los dat probleem zelf op.”
D: ”Maar ik wil dat wij elkaars voortgang met elkaar bespreken, ook als die onzeker is.”
L: ”Ik ben alleen maar geïnteresseerd in mijn voortgang en ik verzeker u dat u dat ook bent. En na 25 jaar praktijk is mijn voortgang nauwelijks onzeker.”
D: ”Dan wil ik wel mijn eigen voortgang met u delen.”
L: ”Uw voortgang?”
D: ”Nou ja, koffie zetten en de wc opruimen en schoonmaken.”
L: “Heeft u de wc dan niet opgeruimd en schoongemaakt?”
D: ”Nee, omdat we samen moeten werken en ons moeten concentreren op een gezamenlijk projectdoel waar we trots op kunnen zijn.”
L (geïrriteerd): ”Waar heeft u het over? Ik heb geleerd dat de klant bezig is met kosteneffectiviteit (nut) en de leverancier met kostenefficiëntie (winst). Niks gezamenlijk doel hier.”
D: ”Maar ik wil geen vechtcontract.”
L: ”Ik ook niet. Maar als u niet begrijpt dat we een verschillend belang hebben dan wordt het vanzelf wel een vechtcontract.”
D: ”Ho, ho, we moeten elkaar als mens accepteren, ook als je boos bent.”
L (boos): ”Accepteren? Respecteren zal je bedoelen! Nou, dat doe ik. Maar als ik jou zo hoor, heb je geen greintje respect voor mij. Ik werk hier als werknemer van een erkend bedrijf en jij gaat je met mijn werk bemoeien.”
D: ”We moeten elkaar vertrouwen geven en ook in kansen denken.”
L: (kwaad) ”Joh, bazel niet zo. Als je vertrouwen wilt geven, bemoei je je niet met mijn werk en als je een kans wilt benutten, ruim je je wc van tevoren op.”
D: ”We moeten met elkaar geven en nemen.”
L: (woest) ”Hou toch op, man. Dat doe je alleen in een huwelijk. Ik geef je niks en ik neem ook niks. Ik maak die wc en jij betaalt de rekening. Als ik al wat neem, is dat mijn verantwoordelijkheid, maar dat belet jij mij met je bemoeizucht. Als je wat wilt geven, doe dan die koffie eens.”
D: ”Ik wil open en kwetsbaar zijn. Ik wil je alleen maar faciliteren en dienen.”
L: ”Nou lieverd, dag hoor. Ga maar lekker naar je bedje, slaapje doen, wc’tje wordt vanzelf wel beter.”

Reageer op dit artikel