artikel

Circulair bouwen met economische motieven

bouwbreed 459

Circulair bouwen met economische motieven

Niemand kan meer om circulair bouwen heen. Opdrachtgevers laten de laatste jaren steeds vaker kantoren of scholen bouwen met herbruikbare materialen. Uit idealistische motieven, geïnspireerd door Cradle to Cradle, of gewoon omdat een milieuvriendelijk gebouw goede pr oplevert. Meestal zitten daar geen economische motieven achter. Maar dat moet juist wel, zegt de Deense architect Kasper Guldager Jensen. “We zouden gebouwen moeten zien als aandelenbeurzen.”

De noodzaak van circulair bouwen is navenant. De bouwsector in de EU is verantwoordelijk voor pakweg 40 procent van het totale energiegebruik en voor zo’n 35 procent van het materiaalgebruik. En in veel delen van de wereld zijn die cijfers niet lager. De wereldbevolking blijft groeien, vooral de middenklasse. Dat zijn straks allemaal mensen die in een kantoor werken en in een appartement wonen. De komende 40 jaar zal naar verwachting net zoveel worden gebouwd als alle constructies die tot nu toe door de mens zijn gemaakt. Het zal in de toekomst steeds moeilijk worden om de natuurlijke grondstoffen te winnen die daarvoor nodig zijn. Bovendien worden door schaarste de prijzen alleen maar hoger.

Natuurlijke grondstoffen

De Deense architect Kasper Guldager Jensen houdt zich met zijn bureaus 3XN en GXN al jaren met dit onderwerp bezig. Naast ontwerpen doet hij ook onderzoek naar de praktische toepasbaarheid van verschillende bouwmaterialen die weinig of geen beslag leggen op de natuurlijke omgeving en grondstoffen. Materialen die bijvoorbeeld worden worden geproduceerd uit afval of plantenresten. Maar hij houdt zich ook bezig met het hergebruik van bestaande materialen. Circulair bouwen is nu een populair onderwerp onder architecten en ontwikkelaars, maar Jensen gaat verder.

Herbezinning

Hij werkte mee aan de publicatie Building a Circular Future, waarin de schrijvers stellen dat het ontwerpen van een gebouw voor de uiteindelijke en onvermijdelijke sloop niet alleen duurzaam is, maar ook financieel verstandiger dan een model van ‘use and waste’. “Dat zal in de nabije toekomst grote gevolgen hebben voor de bouwsector. Die staat voor een herbezinning over de huidige bedrijfsstrategieën en manier van bouwen.”

Circulair bouwen

“Weet je wat mooi zou zijn? Als je langs een bouwplaats loopt en bouwvakkers aan het werk ziet, maar je niet in een oogopslag kunt zien of ze het gebouw nou opbouwen of afbreken.” Want in de sloop zit volgens Jensen de echte verspilling. “Bouwen doen we heel precies. We brengen nauwkeurig in kaart welke materialen we gebruiken, hoe het in elkaar wordt gezet en hoe we de materialen gebruiken. Maar het proces van sloop in de huidige bouw is ronduit stupide. We gooien waardevolle materialen gewoon weg. Uit gemakzucht, of omdat we door de manier van gebruik tijdens de bouw niet in staat zijn om ze opnieuw te gebruiken. Maar we moeten ons realiseren dat we daarmee ook waarde weggooien.”

Waarde

En die waarde is volgens Jensen heel reëel. Zeker als we de gebouwen die we nu plannen, zo ontwerpen dat een groot deel van het materiaal er relatief moeiteloos kan worden uitgehaald. En zeker als diezelfde materialen aan het eind van de levensduur veel duurder zijn geworden. “Het materiaal in een gebouw moet zijn waarde blijven houden. Gebouwen moet je eigenlijk zien als banken waarin materialen zijn opgeslagen en na een bepaalde levensduur weer beschikbaar komen voor hergebruik. Je zou ze zelfs kunnen zien als aandelenbeurzen, want die waarde kan ook worden verhandeld.”

Schroefverbindingen

Daarvoor moeten in de eerste plaats tijdens de bouw zo min mogelijk materialen worden gebruikt die deze waarde juist verlagen, zoals lijm en kitsoorten die waardevolle materialen vervuilen. Of portlandcement, dat beton zo hard maakt dat de grondstoffen er nauwelijks uit zijn terug te winnen. Jensen pleit juist voor bouw met demontabele betonelementen, schroefverbindingen en makkelijk oplosbare bindmiddelen.

Materialeneconomie

Daarnaast moet een gebouw volgens Jensen beschikken over een materialenpaspoort waarin alle gebruikte materialen staan, in welke staat ze zijn en in welke mate ze herbruikbaar zijn. “Als dat voor alle gebouwen geldt, krijg je soort ‘marktplaats voor materialen’. Hierin zijn alle materialen bekend en is te zien wat er beschikbaar is voor gebruik in een nieuw gebouw.” Volgens Jensen zorgt deze nieuwe materialeneconomie ook voor een uitbreiding van de bouwketen, waarin nieuwe bedrijven zullen ontstaan die zich bezighouden met de logistiek van zware hergebruikte bouwmaterialen of het aanbieden van een gebouw als dienst, in plaats van als een afschrijfpost. En waarin nieuwe specialismen komen, zoals materiaalmanagers en deconstructie-experts.

Businessmodellen

Volgens Jensen is het geen verre toekomst. “In dit boek tonen we aan dat duurzaam en circulair ontwerpen nu al kan en economisch haalbaar is. Eigenlijk moeten we het helemaal niet over duurzaamheid hebben, maar gewoon over businessmodellen.”


Dit artikel verscheen in de Cobouw Special Circulair bouwen 2016.

Uw verhaal in de Cobouw Special Circulair Bouwen 2017? Of wilt u adverteren? Bekijk de mogelijkheden.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels