artikel

Daan Sperling: “TBI is scherper uit de crisis gekomen”

bouwbreed 129

Daan Sperling: “TBI is scherper uit de crisis gekomen”

Ook TBI profiteert van de opleving in de bouwsector en de sterke groei van de woningmarkt. De tegenvallers bij het European Patent Office zijn daarom een domper op de feestvreugde. Maar toch laat Daan Sperling, bestuursvoorzitter van TBI Holdings, zich niet uit het veld slaan. “De scherpte is toegenomen.”

Net als bij ieder andere grote bouwer heeft de grillige conjunctuur van de afgelopen jaren flink effect gehad op de bedrijfsvoering. De neergang en de recente opleving waren ook bij de bedrijven die onder TBI vallen duidelijk merkbaar. Maar ook de onwennigheid met de nieuwe, geïntegreerde contractvormen die overheden de laatste jaren veel in de markt zetten, speelde een grote rol. Het EPO-project is daar een goed voorbeeld van, stelt Sperling.

“Het was tekenend voor de crisis: we waren zo blij dat we in die jaren zo’n groot project konden binnenslepen, dat we te lichtvaardig hebben gedacht over de contractrisico’s, en het feit dat de aantoonbaarheid ervan geheel bij de aannemer lag. Het is een complex uav-gc contract, waarbij we ook de systems engineering doen. We hebben ons verkeken op de administratieve lasten en budgettering van het ontwerprisico. Achteraf zien we waar dat misging: we hadden meer mensen nodig die dat aankunnen, de juiste man op de juiste plaats. Maar dat is wijsheid achteraf, we hebben wel leergeld betaald.”

Risico’s geïntegreerde projecten

In het verleden is Sperling weleens kritisch geweest over het spervuur van geïntegreerde contracten vanuit opdrachtgevers die de risico’s bijna uitsluitend bij de aannemer legden. Maar in het geval van het EPO steekt hij de hand in eigen boezem.

“We zijn een stuk kritischer geworden op contractvoorwaarden, maar dit contract zouden we ook nu weer aandurven. Maar dan richten we ons beter op de kosten die dit met zich meebrengt.”

Ook bij opdrachtgevers is de noodzaak van een goede risicospreiding bij deze contracten beter doorgedrongen, ziet Sperling. “Een mooi voorbeeld is het Zuidasdok. Wij hebben de opdracht helaas niet gekregen, maar het contract was heel evenwichtig.”

Duidelijker aanspreekpunt

TBI heeft in verschillende opzichten geleerd van de magere jaren. In de eerste plaats is erg kritisch gekeken naar de bedrijven binnen de TBI-familie. “De crisis heeft ons scherper gemaakt. We zijn ons duidelijk gaan richten op drie onderdelen: Bouw en ontwikkeling, Infra en Techniek, en binnen die onderdelen zoeken we een betere integratie. De markt vraagt ook een duidelijker aanspreekpunt.”

De fusie tussen Croon Elektrotechniek en het Ingenieursbureau Wolter & Dros is het duidelijkste voorbeeld. Samen met de centralisering van enkele ondersteunende diensten als ict-backoffice en de personeels- en salarisadministratie zorgt dat voor besparingen. Maar dat proces is nagenoeg afgerond.

We blijven hechten aan een decentrale concernstructuur

”We hebben een goede balans gevonden, en een verdere consolidering zit er niet in. We blijven hechten aan een decentrale concernstructuur. En we willen dat onze bedrijven een eigen gezicht naar de markt blijven houden en dicht op die klant zitten. Daarbij willen we zoveel mogelijk samenwerken en kennis delen.”

Sperling kijkt vol vertrouwen naar de toekomst. “Wij houden ons momenteel bezig met een groot aantal mooie projecten, zoals de realisatie van de nieuwe sluis bij Eefde, de renovatie van paleis Huis ten Bosch, de vernieuwbouw van Naturalis en de realisatie van de Rijnlandroute. Naast de kracht van de woningmarkt zien we ook een opleving bij de utiliteitsbouw.”

Te weinig planaanbod

Maar er zijn kanttekeningen. “Als je naar de woningbouw kijkt zie je dat de behoefte en vraag groot is, maar er eigenlijk veel te weinig planaanbod komt. Volgens de Bouwagenda moeten er in de komende jaren een miljoen nieuwe woningen bijkomen. Die kunnen niet alleen binnenstedelijk worden gerealiseerd. Die ruimte is er niet alleen nauwelijks, maar meer woningen in de stedelijke gebieden betekent ook een toenemende druk op de bereikbaarheid van de binnensteden. Bovendien bestaat een aanzienlijk deel van de vraag uit eengezinswoningen. En daar wil niet iedereen in de stad wonen.”

Ik vraag niet om een nieuwe Vinex

Het vraagt om gericht beleid van een nieuw kabinet, denkt Sperling. “Ik vraag niet om een nieuwe Vinex, maar wel om een ruimtelijke visie om naast binnenstedelijke woningbouw ook wonen in het buitengebied mogelijk te maken.”

Ook in de utiliteitsbouw en infra zijn de voortekenen gunstig. “Er is nog steeds heel veel te doen in de transformatie en herbestemming, maar volgens ons is de prijsontwikkeling in die markt nog steeds ongunstig. Er is nog steeds een race to the bottom gaande, en wij blijven daar heel kritisch over. In de Infra zien we nog veel prijsconcurrentie bij vooral kleinere projecten, maar in de toekomst komen er weer grotere op de markt.”

Innoveren zonder volume kan niet

Dat de bouwsector gezamenlijk optrekt in het stimuleren van een goed bouwbeleid is volgens Sperling heel positief. “De Marktvisie, en de Bouwagenda van Wientjes zijn ambitieus. Dat is ook nodig, want we hebben een grote bouwopgave en moeten ook de bebouwde omgeving nog energiezuiniger maken. Voor ons betekent dat dat we werken aan concepten om die vraag naar duurzame woningen in te vullen. Voorwaarde is wel dat we die aanpak in grote volumes kunnen realiseren. Innoveren zonder volume gaat niet.”

Maar Sperling wil ambitieuze opdrachtgevers ook op het hart binden dat bouwers graag aan de vraag voldoen, maar wel tegen gezonde marges. “Er zijn veel mooie plannen, maar vaak tegen te lage prijzen. Ook opdrachtgevers moeten zich realiseren dat de crisisjaren echt voorbij zijn.”

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels