artikel

Waarom toezeggingen van een gemeente soms niets waard zijn

bouwbreed Premium 118

Waarom toezeggingen van een gemeente soms niets waard zijn

In geschillen met de gemeente blijkt soms dat in het verleden gemaakte afspraken minder zekerheid bieden dan verwacht. Dit kan tot vervelende situaties leiden. Advocaat Anouk Scharff legt uit hoe het zit.

Anouk Scharff

Anouk Scharff
Bedrijf X heeft een geschil met de gemeente over de opslag van stenen en grond. Het bestemmingsplan staat deze opslag niet toe. Bedrijf X is echter van mening dat de opslag onder het overgangsrecht valt. Dit zou betekenen dat de opslag aanwezig mag blijven. Het bedrijf wijst in dit verband op een vaststellingsovereenkomst na mediation met de gemeente. In deze overeenkomst staat dat “geconstateerd is dat de opslag onder het overgangsrecht valt”. Na deze overeenkomst zijn al weer veel procedures gevoerd over de opslag. Inmiddels acht de gemeente zich niet meer gebonden aan de inhoud van de overeenkomst.

Belangrijke kanttekening

De Raad van State moet zich nu buigen over de volgende vraag. Kan bedrijf X in de bestuursrechtelijke handhavingsprocedure succesvol een beroep op de vaststellingsovereenkomst doen? De Raad van State beantwoordt deze vraag in beginsel bevestigend. Zij maakt hierbij echter wel een belangrijke kanttekening: tegen derden, die geen partij waren bij de vaststellingsovereenkomst, kan op de overeenkomst geen beroep worden gedaan. Als de buren van bedrijf X dus een handhavingsverzoek indienen, kan de gemeente dit verzoek niet zomaar afwijzen op basis van de vaststellingsovereenkomst. Deze derden hebben zich immers nooit gebonden aan de overeenkomst. Hun belangen kunnen maken dat de gemeente toch handhavend moet optreden.

Lees hier de uitspraak

Lees hier de uitspraak
In deze zaak had de gemeente niets aangevoerd waaruit bleek dat belangen van derden in het geding waren. Ook was niet gebleken van zwaarwegende algemene belangen die afwijking van de vaststellingsovereenkomst rechtvaardigden. Het beroep van bedrijf X op de vaststellingsovereenkomst wordt door de Raad van State dan ook gehonoreerd.

Uit de uitspraak blijkt dat een vaststellingsovereenkomst met de gemeente niet altijd de verwachte zekerheid biedt. Als een derde partij aan de bel trekt, kan die overeenkomst in de praktijk wel eens van geen of beperkte waarde zijn. Bedenk dus altijd goed hoe ver de toezeggingen van de gemeente feitelijk strekken. En wees u bewust van de belangen van derden.



Anouk Scharff is advocaat omgevingsrecht bij Lexence N.V. advocaten & notarissen.

Reageer op dit artikel