artikel

Weigeren op te leveren is risicovol voor opdrachtgever

bouwbreed Premium 169

Weigeren op te leveren is risicovol voor opdrachtgever

Een opdrachtgever die geen medewerking verleent aan een verzoek tot oplevering wordt  geacht het werk stilzwijgend te hebben aanvaard en is de prijs voor het gehele werk verschuldigd. De oplevering heeft ook tot gevolg dat de aannemer is ontslagen van de aansprakelijkheid voor de gebreken die de opdrachtgever redelijkerwijs had moeten ontdekken op het tijdstip van de oplevering. Dat heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden geoordeeld op 28 juni 2016.

In de desbetreffende kwestie verzocht de aannemer  zijn opdrachtgever tot oplevering over te gaan. Door feitelijk te weigeren binnen een redelijke termijn aan voormeld verzoek mede te werken en (al dan niet voorwaardelijk) het werk niet te aanvaarden of te weigeren, heeft de opdrachtgever niet aan de oplevering meegewerkt.  

Gesteld noch anderszins bleek dat een dergelijke medewerking van de opdrachtgever in redelijkheid niet kon worden gevergd. Daardoor oordeelde het gerechtshof dat  de opdrachtgever door het niet meewerken aan de oplevering, in het licht van artikel 7:758 lid 1 BW, geacht wordt het werk stilzwijgend te hebben aanvaard en het werk als opgeleverd dient te worden beschouwd. Als gevolg daarvan is de opdrachtgever de prijs voor het (gehele) werk verschuldigd.

Ruimte

Het hof laat wel wat ruimte voor situaties waarin medewerking van de opdrachtgever aan de oplevering redelijkerwijs niet kan worden gevergd. Wanneer van zo’n situatie sprake is legt het hof niet uit. Het ligt in de rede dat daarvan in ieder geval sprake is als op voorhand evident is dat het werk niet gereed voor oplevering is en in geen geval kan worden goedgekeurd.

Die discussie speelt in de praktijk regelmatig. Op grond van deze uitspraak doet de opdrachtgever er verstandig aan in bij twijfel toch gehoor te geven aan een verzoek van de aannemer om het werk in het kader van een oplevering op te nemen maar vervolgens (schriftelijk, binnen acht dagen en onder opgaaf van gebreken) goedkeuring aan het werk te onthouden.

Dit oordeel is extra interessant omdat in de voorgestelde Wet kwaliteitsborging  de zinsnede “gebreken die de opdrachtgever redelijkerwijs had moeten ontdekken” in lid 4 van art. 7:758 BW komt te vervallen waardoor de aannemer ook aansprakelijk is voor gebreken die bij oplevering niet zijn ontdekt.  Die vlieger lijkt dus niet op te gaan voor gebreken die niet zijn ontdekt bij stilzwijgende oplevering van een bouwwerk doordat de opdrachtgever ten onrechte niet meewerkt.

Peter Verstegen, Heijltjes Advocaten

Reageer op dit artikel