artikel

Prijsvorming bij gC-contract moet anders

bouwbreed Premium 46

Prijsvorming bij gC-contract moet anders

We werken al geruime tijd met geïntegreerde contractvormen zoals D&C. De spelregels veranderen, maar opdrachtgevers vragen nog bijna altijd om een vaste prijs. Is dat wel de beste manier?

Geïntegreerde contracten zijn geen bijzonderheid meer in de bouwsector. Het is inmiddels bijna tien jaar geleden dat Rijkswaterstaat (RWS) het roer radicaal omgooide. Sindsdien worden er voor hun projecten geen bestekken meer geschreven maar functionele specificaties. Als hulpmiddel werd Systems Engineering ingevoerd en voor de handhaving ontwikkelde RWS Systeemgerichte Contractbeheersing (SCB).

Er is veel geleerd en ontwikkeld, ook aan de marktzijde. De meeste bouwers hebben leergeld betaald en sommige hebben hierbij forse scheuren in de broek opgelopen. Zij realiseren zich inmiddels ook dat dit soort contracten echt anders is. Ze moeten nu bijvoorbeeld zelf de kwaliteit handhaven en zijn nu verantwoordelijk voor (een deel van) het ontwerp.

En dat allemaal nog steeds voor een vaste prijs. Het aanbestedingsproces is niet veranderd, de systematiek niet, de proceduretijden ook niet. Maar de opgave aan de zijde van de inschrijver wel, die is aanzienlijk verzwaard. De inschrijvers worden geconfronteerd met een complexere vraag (ontwerpen én bouwen), meer taken, een groter risicoprofiel. Het maken van een aanbieding voor een GC-project is daarom kostbaarder en ingewikkelder dan vroeger.

In de traditionele opzet wordt het ontwerp gemaakt door de opdrachtgever zelf of hij huurt daarvoor ontwerpers in. Zij werken op basis van een inspannings­verplichting en worden daarvoor meestal op urenbasis betaald. Daar wordt kritisch over gedacht, maar het is niet zonder reden. Het ontwerpproces is in zichzelf onzeker en iteratief, het is een zoektocht naar oplossingen voor ontwerpuitdagingen. De uitkomst is vooraf niet te garanderen en daarom is het ontwerpproces anders ingericht dan de uitvoeringsfase. Nu krijgen de aannemers in een GC-contract deze ontwerpfase ook onder hun hoede. Er wordt niet alleen verwacht dat ze dit beheersen, maar ze dienen ontwerp en uitvoering ook op elkaar af te stemmen. En dat allemaal voor een vaste prijs en een resultaatsverplichting. Bij tegenvallers in het ontwerpproces ontstaat er spanning tussen kwaliteit en kostprijs én tussen de betrokken partners. Uiteindelijk is niemand tevreden en vragen we ons weer af hoe dit toch zo mis is gegaan.

Moeten we niet eens nadenken over flexibilisering van de prijsvorming voor GC-contracten? Bouw een marge in voor een deel van de aanbieding of richt de prijsvorming fasegewijs in. Dan ontstaat er ruimte voor een goed ontwerp en ruimte voor betere oplossingen. Wellicht dat we in de herziening van de UAV-GC hiervoor de mogelijkheden kunnen inbouwen?

Reageer op dit artikel