artikel

Pacta sunt servanda – de kern van het contractenrecht

bouwbreed

Pacta sunt servanda – de kern van het contractenrecht

Pacta sunt servanda ofwel “je moet de gemaakte afspraak nakomen” is een algemeen rechtsbeginsel dat de kern vormt van ons contractenrecht. Wat als de afspraak niet wordt nagekomen?

Art. 74 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek gaat over wanprestatie. Wanprestatie kan onder andere leiden tot ontbinding van de overeenkomst of een schadevergoedingsplicht. Daarvoor moet de wanpresterende partij “in verzuim” zijn, vooropgesteld dat de prestatie alsnog geleverd kan worden. Voorafgaand aan het verzuim moet de schuldenaar een (laatste) waarschuwing krijgen: de ingebrekestelling. Dat vergeten, kan dat tot vervelende situaties leiden. De rechter, die zich uiteindelijk over het geschil buigt, kan de schadevergoeding afwijzen, omdat ten onrechte geen ingebrekestelling is verzonden. Er is dan geen sprake van verzuim.

Een dergelijke kwestie speelde in een geschil tussen een opdrachtgever en aannemer dat op 19 mei 2015 in hoger beroep aan de orde kwam bij het Hof Amsterdam (ECLI:NL:GHAMS:2015:1923). De opdrachtgever had vanwege een waslijst aan opleveringsgebreken en ondeugdelijk werk van de aanneemsom ruim 45.000 euro ingehouden. De rechtbank veroordeelde de opdrachtgever tot betaling van dit bedrag aan de aannemer. Zij wees de eis tot herstel van het ondeugdelijk werk en de schadeclaim af, omdat de aannemer niet in gebreke was gesteld en daarmee geen mogelijkheid was geboden de gebreken weg te nemen. Dus was de aannemer niet in verzuim en werd niet voldaan aan de voorwaarden aanspraak op schadevergoeding te krijgen.

Deze voor de opdrachtgever zeer wrange uitspraak werd gecorrigeerd door het Gerechtshof: “De aannemer heeft redelijkerwijs moeten opmaken dat opdrachtgever in verband met zijn klachten over behoorlijke nakoming de verdere betaling van de facturen opschortte. Uit de tot op dat moment bij herhaling tussen partijen in correspondentie gevoerde discussie over de klachten van opdrachtgever en de afwijzende houding van aannemer die opdrachtgever daarbij steeds ontmoette, heeft aannemer mogen afleiden dat verdere ingebrekestelling van opdrachtgever en het stellen van een uiterste termijn voor behoorlijke nakoming vergeefs en vruchteloos zou zijn. Verzuim van de aannemer is naar het oordeel van het hof daarom op grond van artikel 6:83 sub c BW zonder ingebrekestelling ingetreden.”

De aannemer werd veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van een slordige 115.000 euro. De beroepsprocedure nam zo’n drie jaar in beslag, maar toont weer eens aan dat het lonend kan zijn die stap te zetten.

Jur Deckers, advocaat bij Accolade

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels