artikel

Glazen entreehal Van Gogh

bouwbreed

Glazen entreehal Van Gogh

Op 5 september werd de nieuwe entreehal van het Van Gogh museum in Amsterdam geopend.

Het originele Van Gogh-museum is ontworpen door Gerrit Rietveld in 1963, net nadat de familie Van Gogh de schilderijen van Vincent had geschonken aan de staat. Gerrit overleed vóór de realisatie. Het ontwerp is uitgevoerd door zijn bureau. Te zien aan de baksteen was het een compromis-Rietveld. Van Goor heeft daar door een restauratie in 1999 verbetering in gebracht.

In de jaren negentig liet de Japanse ‘Metabolisme’-architect Kisho Kurokawa, de uitbreiding maken. Het metabolisme kan gezien worden als een voorloper van de smart city, maar dan zonder computer. Resultaat, een natuurstenen half-ellips met een verdiepte Japanse vijver. De vijver functioneerde echter niet, viel droog en vervuilde sterk.

Dat was voor museumdirecteur Axel Rüger aanleiding om daar ter plaatse een nieuwe entreehal te wensen, aansluitend op de entrees van de andere twee musea aan het Museumplein. Het bureau van wijlen Kurokawa is gevraagd om een schets: een glazen half-elliptische hal aansluitend op het natuurstenen gebouw. Architect Hans van Heeswijk interpreteerde het concept en voerde het met de ervaring van de tweede generatie-engineers van Octatube uit tot een zeer transparante omhulling. Er is een spannende glazen hal gerealiseerd met overal voorgespannen glas waarbij de gevelpanelen koudgebogen en dus ook nog eens nagespannen zijn aangebracht.

De ontwerpen van Rietveld, Kurokawa en Van Heeswijk hebben overigens nauwelijks affiniteit met de schilderijen van Van Gogh: het zijn autonome gebouwen op zich. De ruimtelijke vinding van het ondergronds verbinden zoals in het Louvre, het Twentemuseum en het Mauritshuis is herhaald: een nieuwe ondergrondse entree met grote volumes, die dan geen ingewikkelde bovengrondse volumes als obstakels noodzakelijk maken. En die natuurlijk in de zachte Nederlandse bodem best wel voor technische uitdagingen zorgde.

We zullen toch een modus moeten vinden om deskundig en efficiënt ondergronds te bouwen als we dichter in de steden willen bouwen. En die kosten moeten we dragen.

Mick Eekhout, emeritus hoogleraar TU Delft;  Directeur Octatube

Reageer op de column  via mail of www.Twitter.com/cobouwNL

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels