artikel

‘Laat de bouw voorbeeld nemen aan Ikea en Tesla’

bouwbreed

‘Laat de bouw voorbeeld nemen aan Ikea en Tesla’

Voor de een is de crisis voorbij, terwijl de ander er nog middenin zit. Beiden hebben in ieder geval spannende jaren achter de rug. Maar hoe nu verder? Op de oude voet, of moet er wezenlijk iets veranderen? Cobouw vroeg het bouwers zelf en andere direct betrokkenen.Wat heeft de bouw geleerd van de crisis? Hans de Jonge, hoogleraar vastgoed aan de TU Delft en directievoorzitter van adviesbureau Brink Groep, zet een aantal lessen op een rijtje. “Ik denk niet dat er mensen zijn die zeggen: joh, nog even ademhalen en dan gaan we gewoon door.”

Midden in de crisis had Hans de Jonge een gesprek waarvan hij schrok. Het was met een directeur van een bouwbedrijf dat al jaren vernieuwend bezig was met ketensamenwerking. “Als ik doorga met vernieuwing, ben ik dadelijk kapot”, had de directeur gezegd. Er zat niets anders op dan meedoen met de race to the bottom. Verdorie, dacht De Jonge, een koploper die gedwongen is oud gedrag te gaan vertonen. Inkopen zou weer keihard uitknijpen worden. Pijnlijk. De les voor De Jonge was: je kunt als bedrijf nog zulke goede intenties hebben, maar tegen een crisis is weinig bestand. Een crisis is een goede aanjager voor vernieuwing, maar niet altijd de goede voedingsbodem.

De Jonge vertelt erover in de vergaderzaal van Brink Groep in Leidschendam. Voor zich houdt hij een volgeschreven A4’tje met lessen uit de crisis.

Les 1: Research & Development

“Ik ben inmiddels op een leeftijd dat ik dingen terug zie komen. Je ziet conjuncturele schommelingen: als het goed gaat, stoppen we het geld in de zak en als het fout gaat, zeggen we: we hadden moeten innoveren. We leren dus geen bal. De R&D-uitgaven in de bouw zijn gewoon te laag. Drie à vier procent van de omzet zou de norm moeten zijn. Je moet wel de ballen hebben om het te doen. Ik geloof dat we in werkelijkheid de 2 procent niet eens halen.”

Les 2: Jezelf opnieuw uitvinden

“We hebben te maken met een wezenlijk andere verandering dan de conjuncturele verandering: de markt, de spelers, het spel en de regels zijn veranderd. Je zult jezelf opnieuw moeten uitvinden. Ik denk dat vrijwel ieder bedrijf dat wel geleerd heeft. Ik denk niet dat er mensen zijn die zeggen: joh, nog even ademhalen en dan gaan we gewoon door.”

Les 3: Overcapaciteit

“Er is overcapaciteit op de markt. Die wordt er met harde hand uitgewerkt. Ook verdwijnt er capaciteit waarvan we niet willen dat die verdwijnt. Van bedrijven die al drie generaties bestaan en prima producten maken bijvoorbeeld. Ze gaan ten onder door domme pech of omdat ze de slag niet kunnen maken. Of dat erg is? Het is zo als het is, overcapaciteit is overcapaciteit. Alleen is de vraag of je, als de markt aantrekt, de kennis en capaciteit nog hebt. Vakmanschap wordt ontzettend ondergewaardeerd.”

Les 4: De eindgebruiker

“Het is altijd zo geweest dat als de markt moeilijk is, de klant weer in beeld komt. We zaten in een aanbiedersmarkt en zijn verschoven naar een vragersmarkt. Toegevoegde waarde leveren aan eindgebruikers moet de rode draad zijn. Als je dat niet doet of kan, ben je vroeg of laat out of business.”

Les 5: Risico’s op juiste plek

“Er heeft een neiging bestaan om bij grote contracten te veel risico’s aan de aanbodkant te leggen. Risico’s die eigenlijk door die aanbodzijde niet gedragen kunnen worden. De gww is het bekende voorbeeld. Maar ook in de utiliteitsbouw is het aan de orde dat de risico’s niet realistisch verdeeld zijn. De risico’s worden soms niet daar gelegd waar ze het beste overzien en gedragen kunnen worden.”

Les 6: Goed opdrachtgeverschap

“Goede bouwwerken komen tot stand als er een goede relatie is tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Ze begrijpen elkaar en zijn bereid elkaars positie te begrijpen en komen niet automatisch in een vechthouding.”

Les 7: Duurzaamheid als voorwaarde

“Duurzaamheid is niet iets extra’s, maar een voorwaarde. Je kiest niet voor duurzaamheid om extra huur op te halen. Net als bij auto’s wordt het een commodity . Je vraagt je niet eens meer af of het erin zit, het hoort er gewoon bij.”

De gemene deler van alle lessen van de crisis? “ No business as usual ”, zegt De Jonge. De bouwsector kan leren van gamechangers als Ikea en Tesla. Bouwers laten zich nog te veel de kaas van het brood eten. “Vijftig jaar geleden leverde de aannemer alles op, inclusief keukens en badkamers. De klant wil inmiddels zelf naar de keukenstudio of de Baderie. Moet je kijken wat daar allemaal besteed wordt. Daar zitten commerciële jongens achter. Die zeggen tegen de bouw: jullie verkopen het op een heel sullige manier als badtype a, b, c en tegeltype d, e, f en g. Maar je verkoopt geen concept, geen welzijn, geen beleving.”

De duurzaamheidsindustrie gaat straks op dezelfde manier toeslaan. De Jonge gelooft dat er click-on duurzaamheidspakketten komen. “Dat betekent dat de bouw uitgekleed wordt door de componentenindustrie. Dat heeft de sector een beetje aan zichzelf te wijten.”

De bouwer verdwijnt langzamerhand? “Nee, zeker niet. We zullen altijd behoefte hebben aan bouwwerken, dus de bouwer blijft altijd. Alleen de vorm waarin zal veelkleuriger worden. Je zult bouwers hebben die meer regisseur worden van een logistiek proces, en er zullen bouwers zijn die integrale pakketten leveren met keuzemogelijkheden. Er komt veel meer differentiatie.”

Kennis amper overgedragen

Stil staat de bouw zeker niet, meent De Jonge. “Je kunt me niet bozer maken dan door te zeggen: de bouw innoveert niet en is een achterlijke sector. Dan word ik ontzettend giftig. De laatste twintig jaar is er enorm veel geïnnoveerd. Maar het zijn bijna allemaal projectgerichte innovaties. Kennis wordt vaak heel slecht overgedragen. Open sourcekennis zou beter zijn. Dan kom ik weer uit bij Tesla, dat zegt: je mag alle patenten gebruiken. In hun businessmodel zien ze meer in verspreiding van het gedachtegoed dan in het vasthouden ervan. Laat de bouw hier een voorbeeld aan nemen.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels