artikel

Het schandaal dat ‘asbestdaken’ heet

bouwbreed

Het schandaal dat ‘asbestdaken’ heet

Asbest is dodelijk en er moet een programmatische aanpak komen voor de enorme asbestberg in Nederland. Dat betoogt Annemieke Nijhof, CEO bij Tauw Group.

Onlangs was het opnieuw raak. Bij een brand in Harlingen zijn asbestvezels verspreid. Harlingen is echter niet de enige asbestbrand van de laatste tijd: alleen al in juni waren er branden in Alphen aan den Rijn, Geesteren, Heerenveen en Amsterdam. Het signaal voor de omgeving? Ramen en deuren dichthouden, want asbest zit bij een brand in de lucht.

In de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog is asbest opgekomen in de bouw. Asbest was goedkoop qua productie en in de verwerking en had allerlei goede eigenschappen. Terug naar de realiteit: de vaak desastreuze gevolgen van asbestkanker kennen we helaas allemaal. Daarom kwam er in 1993 een totaalverbod op alle producten waarin asbest is verwerkt.

Anno 2015 overlijden er jaarlijks in Nederland nog steeds ongeveer duizend mensen aan de gevolgen van asbest. Vanaf 2040 wil de Rijksoverheid geen nieuwe asbestslachtoffers meer. Een zeer cynische ambitie, zeker als u met mij meerekent. Het verbod op asbest dateert uit 1993, ruim twintig jaar geleden. Het Rijk rekent erop dat iedereen die langere tijd met asbest werkte, in 2040 al overleden is.

Naast die ambitie voor 2040 doet het Rijk gelukkig meer. Er geldt vanaf 2024 een verbod op asbestdaken: alle asbestdaken moeten dan verwijderd zijn! Maar wat gebeurt er in de praktijk? Bitter weinig. Natuurlijk, overal zijn mooie voorbeelden van regionale of lokale initiatieven, waarbij met subsidieregelingen asbestdaken worden vervangen door bijvoorbeeld daken met zonnepanelen. Maar deze acupunctuur-benadering gaat er mijns inziens niet toe leiden dat de klus over negen jaar geklaard is. Door het ontbreken van een gezamenlijke aanpak ontstaat er immers geen aantrekkelijke, efficiënt werkende markt.

Hoe anders was dat in de jaren negentig na de ontdekking van de bodemverontreiniging van Lekkerkerk. VROM nam direct een actief regisserende rol en creëerde hiermee een daadkrachtige en innovatieve aanpak van alle verontreinigende locaties in Nederland. Dit werd gefaciliteerd door een ‘kennis- en innovatieprogramma bodemsanering’ waarin wetenschap, bedrijven, probleemeigenaren én overheid samen innoveerden.

Ambitieus

Hoe groot is de uitdaging? In een rapport is becijferd dat er in Nederland 248.819.920 vierkante meter asbestgolfplaten en 51.108.475 vierkante meter vlakke asbestplaten zijn gebruikt. Hoeveel daarvan al is verwijderd, is onbekend, maar het merendeel zit nog op onze daken en in de gevels. Prioriteitstelling is altijd nodig bij zo’n omvangrijke opgave. Er zijn genoeg gerenommeerde bureaus die efficiënt onderzoek kunnen doen, met goede meetmethoden die snel, efficiënt en betrouwbaar zijn.

Voor asbest is het mijns inziens ook hard nodig dat we een ambitieus en innovatief programma ontwikkelen. Er zijn inmiddels verschillende partijen aan de slag gegaan met het verwerken van asbesthoudend afval om te bezien of asbest door behandeling onschadelijk gemaakt kan worden én bovendien weer nuttig toepasbaar kan zijn. Dat is wat de circulaire economie graag wil. En niet dat we massaal onze asbestplaten in witte zakken verdelen, zodat we het ‘gratis’ kunnen inleveren bij de vuilstort.

Hand in hand

Mijn wens is dat er zo min mogelijk asbestslachtoffers bij komen. Mijn droom is dat over negen jaar, volgens plan, álle asbestdaken in Nederland verwijderd zijn. Maar ook dat we die enorme hoeveelheid materiaal hebben verwerkt in nuttige bouwstoffen en niet voor het nageslacht op een hoop hebben gegooid. Daarom maak ik me vanuit Tauw sterk voor een programmatische aanpak, waarbij kennis, innovatie én werkgelegenheid en export hand in hand gaan. De door het ministerie van Infrastructuur en Milieu gereserveerde 75 miljoen moeten we dáárvoor gebruiken! Wie helpt mij?

Ir. Annemieke Nijhof MBA, CEO bij Tauw Group

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels