artikel

Blijvend leren voor sommigen enige kans

bouwbreed

Blijvend leren voor sommigen enige kans

Tegen negatieve ontwikkelingen op de arbeidsmarkt gaat Maurice Limmen op de barricades. Maar tegen de razendsnelle technologische ontwikkelingen verzet hij zich niet. Blijvend leren is het adagium. Werkgever én werknemer acht hij daarvoor beiden verantwoordelijk.
“Organiseer een individueel ontwikkelingsbudget dat niet vervalt als je van baan verandert. ”

Toekomstige generaties, die nu op school zitten gaan straks een beroep uitvoeren dat nu nog niet bestaat. Beroepen komen en gaan en ze veranderen voortdurend. Dat geldt ook voor de bouw. Huizen worden niet meer altijd op de bouwplaats gebouwd, ze worden al eerder in elkaar gezet. De muren zijn al in een fabriek op maat gemaakt. Wegen zijn niet meer per definitie van asfalt of steen, maar het blijkt ook mogelijk om ze in plastic aan te leggen. Dat vraagt nieuwe vaardigheden van de stratenmaker.

Dat werk verandert is van alle tijden. Niks nieuws onder de zon. Wat wel verandert, is de ongekende snelheid waarmee veranderingen plaatsvinden. Sommige mensen houden van een uitdaging en veranderen om de paar jaar van baan. Ze gaan soms iets totaal anders doen. Maar te veel mensen gaan er nog van uit dat hun huidige beroep de rest van hun leven blijft bestaan. Die mensen komen van een koude kermis thuis. De snel veranderende wereld raakt vooral deze mensen.

Specifiek gaat het dan om de banen van mensen die niet tot hun 25ste levensjaar – of nog langer – op de universiteit hebben rondgelopen. De hoogopgeleide architect of projectmanager is meestal wel bestand tegen snelle verandering. Maar die snelle verandering kan grote negatieve gevolgen hebben voor banen van mensen die hun school netjes hebben afgemaakt, aan het werk zijn gegaan en naar tevredenheid van de baas en klant ‘hun vak doen’. Mensen die genoeg verdienen om goed te wonen, een prima auto te rijden en elk jaar een keer op vakantie te kunnen gaan, maar verder geen overdreven gekkigheid.

Het is mijn taak als CNV-voorzitter om juist voor deze mensen op te komen. Voor deze mensen sta ik op de barricades als het moet wanneer een werkgever denkt dat hij zijn medewerkers zomaar kan ontslaan, om ze vervolgens tegen veel slechtere condities weer een baan aan te bieden. Voor deze mensen ga ik vaker dan ik zou willen naar Brussel om te bepleiten dat Europese samenwerking niet mag betekenen dat bouwvakkers, elektriciens en andere vakmensen uit Oost-Europa hier het werk over kunnen nemen tegen tarieven ver onder de cao.

Maar tegen ongekende snelheid van de technologische vooruitgang ga ik me niet verzetten. Die vooruitgang biedt nu nog onbekende kansen voor toekomstige generaties. Technologische vooruitgang biedt de enige mogelijkheid onze welvaart in de toekomst te handhaven.

Tegenover deze winnaars van de vooruitgang, staan ook verliezers. De mensen wier baan daardoor onder druk komt te staan. Dat zijn de banen van mensen die dachten dat ze voor de rest van hun leven tamelijk ‘gebakken zaten’. Er is voor deze mensen maar één oplossing: ze moeten zich blijven ontwikkelen. Blijven kijken of ze nieuwe dingen kunnen leren, nieuwe technologie eigen kunnen maken en in sommige gevallen een totaal ander beroep kunnen aanleren.

De verantwoordelijkheid om je daarvoor in te zetten ligt niet alleen bij de werknemer. Een werkgever, de overheid en de vakbond kunnen ook iets doen. Een werkgever zou moeten mee betalen en tijd en ruimte bieden. De overheid moet de randvoorwaarden scheppen, zodat scholing mogelijk wordt. De vakbond kan helpen met goed loopbaanadvies, het aanbieden van trainingen en het bij de les houden van overheid en werkgevers. Maar uiteindelijk moeten werknemers het zelf doen.

Dit gebeurt, om verschillende redenen, nog niet voldoende. Soms is het besef er nog niet. Wat dat betreft is er nog het nodige zendingswerk te verrichten. Maar soms ligt het aan het gebrek aan mogelijkheden of aan het feit dat bestaande regelingen achterhaald zijn.

Wat dat laatste betreft heb ik nog wel een idee. Organiseer een individueel ontwikkelingsbudget dat niet vervalt als iemand van baan verandert. Dit maakt de werknemer regisseur van zijn eigen ontwikkeling en zo kan hij naar eigen inzicht dit budget besteden aan opleiding of loopbaancoaching. De vakbond kan mensen hierbij begeleiden en adviseren.

Maurice Limmen, Voorzitter van het CNV

Lees ook:

‘Lager opgeleiden blijven hartstikke nodig’

Bouwer moet ook ‘soft skills’ beheersen

Hoogopgeleiden verstevigen positie

Discussieer mee op Twitter via #Cobouw en via www.cobouw.nl/vakgebieden/opinie

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels