artikel

Nieuwe zee in de Perkpolder

bouwbreed

Nieuwe zee in de Perkpolder

Vrijdag wordt begonnen met het afgraven van de zeedijk van de oostelijke Perkpolder en worden delen van drie twaalfde-eeuwse polders nieuwe zee. In Kracht, magazine van Rijkswaterstaat, van deze maand wordt gesteld dat het goed is voor de natuur in de Westerschelde en de recreatie.

Het is voor een waterbouwkundige een geweldig project om te mogen uitvoeren. Echter, de argumentatie die tot dit project geleid heeft, het negeren van alle negatieve aspecten, en de slogan natuurherstel Westerschelde, deugen niet. Ik verbaas me keer op keer dat Rijkswaterstaat, in weerwil van de ontwikkeling van de fysische natuur, blijft aangeven dat het project goed is voor de natuur in de Westerschelde. Integendeel, het project bevordert juist enigszins de achteruitgang van de natuur in de Westerschelde. Dat geldt ook voor de projecten Hedwigepolder en Waterdunen.

De natuur in de Westerschelde blijft door ons handelen in dit tijdperk gewoon achteruitgaan. Wij blijven grond tegennatuurlijk uit de Westerschelde verliezen aan de veel te ruim gemaakte Zeeschelde en door zandwinning in de Westerschelde en de Zeeschelde. Een verschuiving van ondiepe naar diepere estuariene natuur blijft gewoon doorgaan. Projecten waarbij van polders door afgravingen zee wordt gemaakt, helpen juist die verstoring. Die projecten zorgen voor een extra onttrekking van grond (slib) aan de Westerschelde door opslibbing, omdat de projecten tegen de natuur ingaan. Willen we een duurzamere ontwikkeling van de Westerschelde, dan moeten we de kern van het probleem aanpakken en de grondbalans, die we verstoren, zoveel mogelijk weer op orde brengen. Daarnaast moet het gesleep met specie in de Westerschelde tot een noodzakelijk minimum beperkt worden. De fysische natuur bepaalt immers de ontwikkelingsmogelijkheden voor de biologie en het duurzame karakter ervan. Het is in de Westerschelde te doen, niet op het land.

Hoge nes

In het plan Perkpolder worden gedeeltelijk drie zeldzame twaalfde-eeuwse polders (Perkpolder, Noordhofpolder en Noorddijkpolder) vernield. Deze zijn onderdeel van een hoge nes in een binnenbocht van de Westerschelde. Ze hebben weinig zee-invloed gekend en zijn ouder dan de Westerschelde. Waarom dan een oostelijke Perkpolder, gelegen op NAP + 1m, 4 meter afgraven? Die polders slibben zeer snel weer op. De introductie van verzilting in deze zoete polders is enorm met 10.000 mg Cl/l. De achterwaartse verzilting schijnt al merkbaar te worden. Hiervoor is uitentreuren gewaarschuwd. Er is veel meer veen uitgekomen dan men verwacht had. Veen waar de natuur 3000 tot 4000 jaar over gedaan heeft om het te vormen. Het lag eerst op een hoop aan de lucht te verbranden en wordt nu verwerkt op landbouwgronden, waar het na enige jaren totaal verbrand zal zijn. Pure natuur- en grondvernietiging. Het is helemaal niet goed voor de natuur in de Westerschelde. De veiligheid is minder geworden en recreatief is het veel minder, omdat de wereldberoemde bloemendijk, de Kalverdijk en de historische oude loofrijke Noorddijksedijk slachtoffer zijn geworden. Er is dus geen directe natuurbeleving meer. Er komt slechts een enkele vogelkijkhut buiten het gebied, terwijl die polders zelf recreatief veel aantrekkelijker waren.

Zelfbedachte natuur voor echte natuur. Alleen gewenst door de natuurorganisaties voor zichzelf. Het is allemaal heel triest.

Ir. Wil Lases, waterbouwkundige, Tiel

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels