artikel

Nieuw Nederland vol ‘verboden vruchten’

bouwbreed

Nieuw Nederland vol ‘verboden vruchten’

De architectuur van Nieuw Nederland is niet meer zo voorspelbaar. Versleten moderne gebouwen worden gedecoreerd, nieuwbouw is verrassend veelkleurig.

De oude argumenten voor het modernisme verliezen hun macht nu Le Corbusier nazi-sympathieën bleek te hebben, terwijl monumentale architectuur lang verdacht was vanwege de relatie met Hitler Duitsland. Wat tien jaar geleden nog verboden was door Jo Coenen’s ‘God van de Architectuur’ is nu nieuwe toparchitectuur in Rotterdam.

Vernieuwing in de architectuur is snel aan het veranderen. Dat gaat zeker niet alleen over nieuwe architectuur, want er wordt minder nieuw gebouwd. Er wordt wel veel verbouwd en dat levert boeiende architectuur op.

Nu is ook de moderne architectuur aan de beurt om vernieuwd te worden. Voor klassieke monumenten is in Nederland nog altijd het dogma om nieuwe aanbouwen niet in dezelfde stijl te bouwen, maar in de moderne stijl, dikwijls in glas en metaal. Maar wat doe je dan met moderne monumenten, geef je die een klassieke aankleding? Dat is zeker nog geen door de welstand aangehouden dogma geworden, maar er zijn wel interessante experimenten te zien. Dok architecten heeft in het stadskwartier Nieuwegein een prachtig decoratief decor ontworpen voor een groot woongebouw dat door Jan Hoogstad was ontworpen. Dit kale, rationele gebouw lag er intussen verlaten en afgeleefd bij.

Architectuurcriticus Tom Avermaete pleit er in het nieuwe Jaarboek Architectuur in Nederland voor om het decor te beschouwen als een sleutelelement in stedelijke vernieuwing, met het project in Nieuwegein als sprekend voorbeeld.

Zo lijkt het erop dat de moderne en traditionele architectuur, zolang streng gescheiden in Nederland, nieuwe relaties aangaan. Dat wordt door de redactie van het jaarboek toegejuicht. Zij stelt dat de architectuurkritiek zich ontworsteld aan uniforme sjablonen en beoordelingscriteria. Er is sprake van een herijking van de architectuur, gekenmerkt door een grote verscheidenheid aan insteken en benaderingen. En er zijn nog geen woorden om het karakter van de eigenheid van de nieuwe initiatieven goed te duiden.

Markthal

Ook in de nieuwbouw van Nieuw Nederland zijn verrassend veel kleurige gebouwen te zien, met als bekendste exponent de Markthal van MVRDV (Winy Maas) in Rotterdam. Het interieur van de Markthal is een zeer veelkleurig ‘gewelf’, vol met grote gekleurde bloemen en fruit. Wat lange tijd in Nederland de verboden vruchten waren van de veelkleurige architectuur, staat nu op de cover van het jaarboek. En ooit waren het echt verboden vruchten.

Jo Coenen, voormalig rijksbouwmeester, noemde de eerste traditionele architectuur in de jaren negentig in Helmondse wijken zoals Dierdonk en Brandevoort ‘onecht’ en ‘niet waar’. ‘En onware dingen ontgaan de God van de architectuur beslist niet,’ voegde hij er dreigend aan toe.

Maar de macht van dit ‘onderwijzersmodernisme’ is nog niet helemaal gebroken, volgens het Jaarboek Architectuur in Nederland gaat het ze nog altijd voor de wind dankzij werk dat ze krijgen via openbare aanbestedingen. Maar het jaarboek stelt dat ze intussen de tijdgeest niet meer volgen en niet aansluiten op nieuwe vormen van stedelijke ontwikkeling.

Die visie op de tijdgeest is ook aan herijking toe. Interessant is de dimensie van politieke macht in de architectuurdiscussie. Lange tijd was romantische en monumentale architectuur verdacht omdat het verbonden werd met de architectuur van nazi-Duitsland en Albert Speer. Recent blijkt dat de grote held van het modernisme, Le Corbusier, zich juist sterk verbonden heeft met de politieke ideologie van nazi-Duitsland. Daaruit blijkt dat het verbinden van politiek en architectuur ingewikkeld is. Je kunt macht ontlenen aan verbinding tussen architectuur en politiek wanneer die architectuur in de foute hoek zat, maar wat doe je als blijkt dat de grote inspirator van jouw architectuur ook fout geweest is? Dit is een reden om zeer kritisch te kijken naar de relatie tussen architectuur, schoonheid en macht.

Rond de millenniumwissel was er sprake van een hoge mate van consensus over wat architectuur was, over wie en wat erbij hoorde en wat buiten de boot viel. Een sterke verbinding tussen schoonheid en macht. Die sterk gepolariseerde discussie tussen modernisten en traditionalisten lijkt voorlopig ten einde te komen.

Het is tijd voor veelkleurigheid in de architectuur in Nederland.

Drs.ir. Jan den Boer, stedenbouwkundige

Hij publiceerde het boek ‘De stad is van iedereen’, over macht en schoonheid in de architectuur

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels