artikel

Meten met maatstaven

bouwbreed

Een duurzame samenleving, daar is niemand tegen. Als we daar meetbare grootheden aan moeten op hangen wordt het al iets lastiger, maar ook daar wordt redelijk makkelijk consensus op gevonden in de bestuurslagen.

Meestal komen dan begrippen als emissievrij, klimaatneutraal of energieneutraal om de hoek kijken. Voor emissie- of energiedoelstellingen zijn eenduidig meetbare grootheden beschikbaar. En dus ook eenvoudige meetlatten/maatstaven, waarlangs doelstellingen en voortgang in het bereiken daarvan kunnen worden bepaald?

Omdat ontwikkelde meetlatten niet alleen bedoeld zijn om mondiale, Europese of nationale doelstellingen te halen, maar ook meteen bedoeld zijn om de verantwoordelijke actoren (regering, bedrijf, consument) in beweging te brengen (c.q. zich te laten onderscheiden) zijn niet-eenduidig werkende maatstaven de regel.

Zo worden bedrijven die vallen onder het emissiehandel (ETS)-systeem (bijvoorbeeld energiebedrijven) gestimuleerd tot emissiereductie door een prijs te zetten op elke ton CO 2 die zij uitstoten. De afnemers van deze elektriciteit vallen echter veelal niet onder het ETS-systeem en daarmee werkt dit systeem niet stimulerend op de belangrijke eerste stap van de Kyoto-piramide: vraagreductie. Sterker nog, een bestaand gebouw dat naar nul-op-de-meter wordt gerenoveerd met een all-electric oplossing, zal leiden tot een toename van de uitstoot in het ETS-systeem. Split-incentive all over.

En wat te denken van de meetlatten die in de gebouwde omgeving in zwang zijn. Uit onderzoek blijkt dat sinds de introductie van de CO 2 -prestatieladder, de deelnemende bedrijven meer concrete milieumaatregelen hebben getroffen en überhaupt bewuster zijn geworden van hun beïnvloedbare CO 2 -emissies. Maar, of het nu gaat om de EPG-methodiek, GPR, Breeam-NL of de CO 2 -prestatieladder, deze meetlatten blijken vooral te leiden tot het afvinken van specificaties (getroffen maatregelen) in plaats van het waarderen van daadwerkelijk gerealiseerde prestaties. Hoog tijd dat gebouwprestaties zelf de maatstaf worden, waar de fabrikant middels garanties op aangesprokenkan worden.

Ivo Opstelten, lector Nieuwe Energie in de Stad bij Hogeschool Utrecht

Reageren op deze column? Dat kan via redactie@cobouw.nl of op Twitter via @CobouwNL

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels