artikel

Geef de natuur een plaats in de stad

bouwbreed

Geef de natuur een plaats in de stad

Waarom lukt het niet of nauwelijks natuur een functionele plaats te geven in de stad? Heeft het te maken met gebrek aan visie? Of aan ruimte, creativiteit of geld? Theo van den Bosch pleit voor een aanpak zoals die in buurlanden voor ecologische zones wel succesvol is.

Op verschillende plaatsen in het land zie je ze staan: ecoducten. Dat zijn viaducten waar dieren ongehinderd spoorlijnen en wegen kunnen kruisen. Ze zijn onderdeel van het rijksbeleid om versnipperde natuurgebieden in Nederland met elkaar te verbinden. Die aanpak moet leiden tot een ecologische hoofdstructuur (EHS), waarmee de biodiversiteit wordt bevorderd. Deze ontwikkeling sluit aan op een maatschappelijke trend waarin duurzaamheid, milieu en dierenwelzijn steeds belangrijker wordt gevonden.

Alleen is dat in de praktijk blijkbaar lastig te realiseren. Zo werden in het kabinet Rutte-I verbindingszones geschrapt, de grondverwerving gestopt en zouden er na 2021 geen investeringen meer worden gedaan. Gelukkig werd in het regeerakkoord van het kabinet Rutte-II weer afgesproken dat de EHS toch zou worden aangelegd, inclusief verbindingszones. Wel wordt er extra tijd voor uitgetrokken. In plaats van in 2018 moet het EHS-beleid, dat geschraagd wordt door het Europese Natura-2000 beleid, in 2027 zijn afgerond.

Ecoduct Natuurbrug de Scheeken. Foto RWS 

Gemiste kans

Die trend van vergroening is in de stedelijke gebieden nog wat sterker aanwezig. Stadslandbouw, stadsnatuur en ecologisch verantwoorde daken hebben al geleid tot flink wat initiatieven in de wijken. Door veel bewonersgroepen wordt daar overleg over gevoerd, maar in de praktijk zie je er in de stad (nog) weinig van terug. Als je het al ziet, heeft dat meestal te maken met de overheid die het tekort aan drinkwater of wateropslag of waterrecreatie als argument gebruikt om gebieden opnieuw in te richten. Dat is een gemiste kans omdat met stedelijke ecologische zones veel meer is te bereiken.

Zo worden op verschillende plaatsen in Nederland gezocht naar mogelijkheden om hoogwaardige woonmilieus in te richten. Vooral van buitenlandse bedrijven komt die vraag, waarbij de ligging aan water vaak een extra positief punt vormt. De inrichting van nieuwe woonwijken kent dan ook opvallend veel water, dat naast een landschappelijke en recreatieve functie vaak ook wordt ingezet als overloopgebied bij hevige regenval. Dat het niet eenvoudig is om die gebieden te vinden, te realiseren en vooral ook in stand te houden, blijkt wel uit de weinig geslaagde poging van Den Haag om de Westlandse Zoom vol te krijgen en de problemen die Rotterdam heeft om de doelgroep die daarvoor interesse heeft aan zich te binden. En natuurlijk: niet alleen voor die groep geeft vergroening kansen, ook andere milieus zijn er bij gebaat.

Park Lepelenburg in Utrecht. 

Nieuw ontwerp voor de stad

In Vlaanderen hebben ze dat goed begrepen. Daar koppelen ze een gezonde en groene stad aan de inrichting van stedelijke wegen. Voetgangers en fietser staan in ieder geval op de tekentafels van de stedelijke plannen centraal. Door ecologische zones te combineren met allerlei functies ontstaat een nieuw ontwerp voor de stad. Niet alleen krijgen initiatieven met stadslandbouw, recreatie en leefbaarheid letterlijk een plaats in de samenleving, maar ook zijn er dan mogelijkheden om hoogwaardige woonmilieus en nieuwe vormen van leefbare en gezonde stedelijkheid te bedenken.

Mooie voorbeelden zijn ook in het Ruhrgebied te zien. Het mijnlandschap van toen met huizen ertussen is veranderd in een stedelijk gebied dat dooraderd is met ecologische zones en veel innovatieve ontwikkelingen daarin. Verder werken steden als Keulen aan een groene dooradering van de stad met duurzame ecologische zones.

Levensbelang

In Nederlandse steden is van een ecologische hoofdstructuur weinig te zien. Net als landelijk zijn de kruisingen met de infrastructuren voor de natuur een groot probleem. Maar het probleem ligt eigenlijk veel dieper. Vaak is er helemaal geen plan om aan die trend van ecologische zones vorm en inhoud te geven. Voor de toekomst van de stad is dat van levensbelang.

Berlage heeft in zijn Amsterdamse Uitbreidingsplan de ecologische zones een duidelijke plaats gegeven. En in de jaren zestig werden ecologische zones gezien als contramal voor de stedelijke ontwikkeling. Onder invloed van intensivering en boekhouders is de groene infrastructuur verdwenen. Voor een gezonde ontwikkeling van de Nederlandse stad is het hoog tijd dat ecologische zones weer planmatig worden aangepakt. In België en Duitsland hebben ze de enorme potentie daarvan al in daden omgezet.

Drs. Theo van den Bosch, directeur BureauBCW 

Reageren op dit artikel? Dat kan via t.c.vandenbosch@bureaubcw.nl of op Twitter via @CobouwNL

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels