artikel

Mkb pleit voor eerlijker arbeidsmarktarbeid

bouwbreed

Mkb pleit voor eerlijker arbeidsmarktarbeid

Het gaat nog lang niet goed met de bouw. Vooral het mkb ziet nog steeds hiaten in de orderportefeuille, weet de voorzitter van de Aannemersfederatie Nederland Henk Klein Poelhuis. Het is een van de redenen dat er nog steeds geen sprake is van een normale arbeidsmarkt.

“Onderzoeken met vragen over fricties en niet over ficties wijzen uit dat de orderportefeuilles nog vele witte plekken vertonen en, voor zover gevuld, een reikwijdte van maximaal 3 maanden hebben. De druk op de prijs is zwaar en er zijn grote regionale verschillen”, weet voorzitter Klein Poelhuis. “Natuurlijk zijn er witte raven, zeker in de zeer urbane regio’s. Daar is alweer sprake van tekorten aan vaklieden en oplopende arbeidskosten.”
Die orderportefeuilles zijn reden dat mkb’ers huiverig zijn mensen in vaste dienst te nemen. Door de lage prijzen en de risico’s van een vast dienstverband, zoals loondoorbetaling bij ziekte, nemen ze hun toevlucht tot maximale inzet van zzp’ers en uitzendkrachten tegen aanzienlijk lagere kosten en risico’s. “De door iedereen onderschreven ideale organisatie voor een mkb-bedrijf, met een bezetting van 75 procent vast en 25 procent flexibel personeel, is nog ver weg”, aldus Klein Poelhuis.

In de visie van de mkb-voorman is de handreiking van minister Asscher om de loondoorbetaling bij ziekte te beperken tot een jaar voor bedrijven met minder dan tien man personeel, onvoldoende om de arbeidsmarkt weer gezond te krijgen.

Marktdeskundigen volgen hem in die redenering. Zij wijzen erop dat het door Asscher verfoeide probleem (uitbuiting van werknemers uit het buitenland) te wijten kan zijn aan de hoge arbeidskosten in Nederland en de hiaten in wet- en regelgeving. Ook Klein Poelhuis roept al jaren om een nette arbeidsmarkt. “Daar passen geen schijnconstructies in, geen gesjoemel van obscure bureaus die meer provisie opstrijken dan ze aan hun uitzendkrachten betalen. Maar met name de uitzendsector beweegt hemel en aarde om beleidsmaatregelen te frustreren die minister Asscher wil treffen om een gezonde arbeidsmarkt te garanderen”, aldus Klein Poelhuis, die dit met lede ogen aanziet.

Overigens heeft volgens hem ook een aantal grote bedrijven er een handje van om het niet al te nauw te nemen, omdat het hen kennelijk beter uitkomt. “Ik vind dat kortzichtig en dom. We hebben allemaal baat bij een goed draaiende en volwassen arbeidsmarkt waarin ieder ruimschoots aan zijn trekken komt.”

Opportunisme

Het gevolg van dit alles kan op termijn leiden tot grote problemen. Al jaren liggen scholing en bijscholing in de bouw vrijwel stil. “Bedrijven hadden wel wat anders aan het hoofd. Je kunt de bouw opportunisme aanrekenen omdat zij onvoldoende investeerde op momenten dat het wel kon. Maar feit is dat de sector zo haar eigen wetten heeft en nu eenmaal niet op voorraad kan leveren”, vindt Klein Poelhuis.

Wel is hij van mening dat de overheid iets meer kan doen. Dat geldt onder andere voor het topsectorenbeleid waarvan de bouw, als het aan Klein Poelhuis ligt, onderdeel moet worden. Maar ook voor verdere lastenverlichting en stimulering kijkt hij naar de overheid. De bedrijven zelf kunnen iets doen door elkaar niet langer het leven zuur te maken met een slechte betalingsmoraal en het ontduiken van essentiële waarden rond arbeidsvoorwaarden. Wat hem betreft mogen politieke partijen wat meer oog hebben voor de bouw. Dat is goed voor het land.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels