artikel

Prikkelend bouwwerk of betonnen kolos

bouwbreed

Prikkelend bouwwerk of betonnen kolos

Op 6 juni is het niet alleen D-Day, maar ook Bunkerdag. In Den Haag zullen een aantal bunkers worden opengesteld voor het publiek. Gemeente en provincie ondersteunen het initiatief.

Lange tijd zag het er naar uit dat alle overblijfselen van de Duitse bezetters tijdens de Tweede Wereldoorlog zoveel mogelijk gesloopt of verborgen moesten worden. Dat gebeurde om een veelheid van redenen uiteindelijk maar mondjesmaat. Met als gevolg een nalatenschap van bunkers, die nog steeds zichtbaar is in het landschap. De belangstelling daarvoor neemt toe. Niet alleen als historisch-cultureel fenomeen, maar ook als bouwkundig construct dat nieuwe functies kan innemen.

Betonnen kolos

Een bunker is volgens de definitie een ‘opzichzelfstaande betonnen verdedigingsstelling’. Voor de één vormt een bunker een afzichtelijke betonnen kolos, voor de ander een nieuwsgierigheid prikkelend bouwwerk. Voor de één niet meer opvallend, voor de ander aantrekkelijk vastgoed voor IT en databescherming. Met drie meter dikke betonnen muren en plafonds van twee meter dikte zullen deze duurzame bouwwerken niet snel wijken voor natuurrampen of ander ongemak. In ieder geval staat vast dat bunkers de komende tientallen jaren het zicht van onze kunstlijn blijvend bepalen. Niet alleen omdat slopen welhaast een bijna onmogelijke en bijzonder kostbare operatie wordt, maar ook omdat ze onderdeel uitmaken van een van de zeven erfgoedlijnen, namelijk de Atlantikwall. Deze strekt zich uit over liefst 5000 km, van Noorwegen tot Gibraltar.

Vrijwel direct na de bezetting van West-Europa begon de bezetter met de bouw van deze verdedigingslinie. Wat startte met observatieposten groeide binnen twee jaar uit tot een muur van bunkers, forten en batterijen met kustgeschut. Gezien het feit dat Den Haag op een strategisch punt aan de Noordzee ligt, dichtbij Duitsland en Londen, werd de politieke hoofdstad door de bezetter als cruciaal gezien. Dit uitte zich niet alleen in de hoeveelheid, maar voornamelijk in het bijzondere en exceptionele van de gebouwde bunkers die gesitueerd werden rondom en in de Hofstad. De zogenaamde ‘Hospitaalbunker’ aan de Van Ouwenlaan mag hierbij niet onvermeld blijven. Deze twee verdiepingen tellende kolos is uniek, speciaal ontworpen en voldoet aan de categorie met het grootste weerstandvermogen. Deskundigen buigen zich overigens nog steeds over de vraag of het wel een Hospitaalbunker was. Met smalle gangen en trappen lijkt het welhaast onmogelijk om met brancards te manoeuvreren. Zou het dan misschien toch een communicatie-bunker zijn geweest? Is er een relatie, doorgang of verbinding met de verderop gelegen schuilbunker van Seyss-Inquart? Deze beschilderde en aan de buitenzijde met bakstenen afgewerkte bunker met zijn privéwerkplaats, observatie en luchtafweertorens, leek mede door de schuine daken vanuit de lucht op een gewone boerderij.

De Tweede Wereldoorlog heeft diepe sporen achtergelaten in Den Haag. Van de grote Haagse joodse gemeenschap van 17.000 joden zijn er 14.000 gedeporteerd. Er werd een brede tankgracht dwars door woonwijken heen gegraven waardoor duizenden inwoners hun huizen gedwongen moesten verlaten. Tot overmaat van ramp overkwam de stad in 1945 een vergissingsbombardement. In plaats van de opslag van raketten in het Haagse Bos werd de woonwijk Bezuidenhout getroffen. Het spreekt voor zich dat de bunkers als overblijfselen een diversiteit aan herinneren blijven oproepen.

Saamhorigheid

Een onderbelichte herinnering is die van samenhang, weerbaarheid en doorzettingsvermogen. Een stad die volledig in verval was, is door saamhorigheid weer opgebouwd. Een parallel die getrokken kan worden met Rotterdam. De Haagse gemeenschap was, net als zijn tegenwoordige metropoolgezel Rotterdam, totaal uit elkaar geslagen. Edoch, zij die de stad trouw konden blijven, samen met hen die terug wilden en konden keren, hebben de wederopbouw en groei van hun stad gestalte kunnen geven door een hun optimisme, geloof en vertrouwen in de vooruitgang.

Rest ons de vraag of de bunker nu een hindernis is in de duinen, een valkuil die steeds negatieve herinneringen oproept of een onneembare vesting? Het antwoord is in Den Haag gevonden. Hoe kan het eigenlijk ook anders in de internationale stad van vrede en recht. Een kleine vijfduizend mensen zijn daar op de eerste Haagse Bunkerdag in 2014 afgekomen. Onder het motto één dag alle bunkers open, konden verhalen worden verteld of aangehoord, theatervoorstellingen met de bunker als decor worden bijgewoond en kon de bezoeker met helm en zaklamp bunkers in die nog nimmer waren opengesteld. Met een passend educatief programma voor de duizenden kinderen, jongeren en belangstellenden is die dag de onneembaar geachte vesting toegankelijk gemaakt. Werd duidelijk hoe het is om in een bezette stad aan de frontlinie te moeten leven. Maar bovenal het besef om gezamenlijk op te staan: weg van oorlog naar vrijheid!

Laat dit in het licht van de gruwelijke gebeurtenissen van de afgelopen tijd ons motto zijn. Er wordt uitgekeken naar de volgende bunkerdag, niet voor niets in het weekend van D-Day 2015, op 6 juni. De gemeente Den Haag en de provincie Zuid-Holland ondersteunen dit initiatief. De bouwsector helaas nog niet, terwijl de bunkers toch hun duurzaamheid hebben bewezen. Ze zullen er nog eeuwen blijven staan. Aan de kolossen zal het niet liggen.

Maurice Westerwoudt, directeur bij Winkelman Van Hessen

Reageren op dit artikel? Dat kan via mwesterwoudt@wvhcommunicatie.nl of op Twitter via @CobouwNL

De Haagse Bunkerdag is een initiatief van Stichting Europees Erfgoed Atlantikwall. De organisatie wordt gedaan door Winkelman Van Hessen. 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels