artikel

‘Gewone’ lening telt niet mee

bouwbreed Premium

‘Gewone’ lening telt niet mee

Bij aanbestedingen wordt vaak de geschiktheidseis gesteld dat de inschrijver voldoende financiële draagkracht heeft om de continuïteit van zijn bedrijfsvoering gedurende de contractperiode te waarborgen.

De aanbestedende dienst geeft in dat geval in de aankondiging van de opdracht aan welke bewijsstukken daarvoor moeten worden overgelegd. Sinds de invoering van de Aanbestedingswet 2012 hebben de eisen in beginsel geen betrekking meer op de totale omzet van de inschrijver, maar wordt voor het vaststellen van de draagkracht bijvoorbeeld gekeken naar de solvabiliteit van de onderneming. Daarbij is het dan wel zaak dat op juiste wijze wordt vastgesteld wat tot het eigen vermogen van de onderneming behoort en wat niet.

In een op 22 juli gepubliceerde uitspraak van de Rechtbank Oost-Brabant (NL:RBOBR:2015:4427) had de aanbestedende dienst een lening van de moedermaatschappij opgeteld bij het eigen vermogen van de van de inschrijver. Op basis daarvan was de solvabiliteit van die inschrijver als goed beoordeeld en was de opdracht (onder meer) aan die inschrijver gegund. Naar de mening van een teleurgestelde inschrijver kan alleen een achtergestelde lening onder omstandigheden bij het eigen vermogen worden opgeteld bij het berekenen van de solvabiliteit. Volgens de aanbestedende dienst moet een gewone, niet achtergestelde lening weliswaar formeel als vreemd vermogen worden beschouwd, maar in de praktijk gaat het om eigen vermogen.

De voorzieningenrechter deelt de mening van de aanbestedende dienst niet. Dat zou betekenen dat ook een lening die ieder moment kan worden opgeëist – en daarmee geen verhaalszekerheid voor andere schuldeisers biedt – tot het eigen vermogen wordt gerekend. Dat is in strijd met het recht.

Uitgangspunt is dus dat een lening van een moedermaatschappij bij het berekenen van de solvabiliteitsratio alleen dan bij het eigen vermogen van een inschrijver mag worden opgeteld als die lening is achtergesteld.

Per van der Kooi en Menno de Wijs, De Clercq Advocaten Notarissen

Reageer op dit artikel