artikel

‘Open’ opdracht leidt tot sneller innoveren

bouwbreed Premium

‘Open’ opdracht leidt tot sneller innoveren

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid concludeerde al eerder dat optimale circulatie van kennis en vaardigheden een voorwaarde is voor innovatie. Traditionele sectoren zoals de bouw zien zich daardoor geconfronteerd met grote uitdagingen.

Tot voor kort was de consensus dat innovatie ‘gekocht’ kon worden met subsidies, programma’s en taskforces. Innovatie is echter veel beter te organiseren door als opdrachtgever de opdracht anders, namelijk meer open, te formuleren. Hiermee worden opdrachtnemers beter in staat gesteld met veel meer creativiteit oplossingen aan te bieden waarmee innovatie sneller en robuuster tot stand komt.

Binnen de verschillende bedrijfskolommen is er tot nu toe driftig geïntegreerd: voorwaarts en achterwaarts. Veel van deze nieuwe verhoudingen kenmerken zich door het zoveel mogelijk verleggen van risico’s met behoud van zeggenschap. Dat is echter geen samenwerking, maar zijn uitersten die zich slecht met elkaar verdragen. We creëerden zo een korte termijn claimcultuur, die verwijdering in plaats van toenadering veroorzaakt: de voor innovatie essentieel zijnde optimale circulatie van kennis en vaardigheden kwam onvoldoende tot stand.

Voorwaartse en achterwaartse integratie is dus lastig. Nog lastiger is zijwaartse integratie. Voor de slimste oplossingen zal er samengewerkt moeten worden met partijen uit totaal andere disciplines en sectoren. Denk aan de koppeling van bijvoorbeeld de bouw met ICT en energie. Hoeveel stations en spoorbanen zullen we nodig hebben wanneer vervoerders écht gaan samenwerken met de Googles . Hoe verdelen we de kosten en opbrengsten van bestaande (obsolete?) en nieuwe infrastructuur?

Met subsidies kunnen samenwerkingsvaardigheden, en daarmee innovatie, niet worden gekocht. Het is geen geldkwestie, maar een organisatie- en communicatiekwestie gericht op gedragsverandering en het creëren van gedeelde belangen. Met andere woorden: een vermogen om samen te kunnen werken binnen- en buiten de traditionele kolom is niet meer nice to have maar need to have.

Vormvastheid

In plaats van kortlopende initiatieven te faciliteren, dienen opdrachtgevers dus partijen te omarmen die werkelijk laten zien hoe je innovatie organiseert. Zo zou met name de overheid (ook lokaal) veel meer op basis van te realiseren output moeten gaan uitvragen. Daarbij kan zij een langjarige vormvastheid tonen door de beste oplossingen te belonen met langlopende prestatiecontracten. Hoe slimmer partijen gaan samenwerken, des te slimmer de oplossingen, des te meer innovatie.

Geen overkill dus aan beoordelingen op basis van louter track records, want die gaan immers vooral over past performance. Geen langlopende afspraken vermijden, omdat de toekomst zo onzeker is. Die onzekerheid blijft en dan kun je er maar beter aan de voorkant, via bijvoorbeeld scenariodenken, veel beter over hebben nagedacht dan tot nu toe gebruikelijk was. Niet alleen aan allianties denken tussen opdrachtnemers, maar ook tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers om lusten en lasten beter dan voorheen te gaan delen.

Transparantie

Bovenstaande vereist een hogere mate van professionaliteit en transparantie van zowel opdrachtgever als opdrachtnemer. Maar het is het waard: we kunnen voor hetzelfde geld – via innovatie – veel meer gaan realiseren. Er is voldoende te doen. Denk aan nieuwe mobiliteit, energietransities, meer taken naar decentrale overheden, ander gebruik van vastgoed et cetera. We hebben partijen nodig die niet alleen mooie woorden bezigen in brochures en websites, maar die deze nieuwe economie concreet in de praktijk brengen.

Jelle Otten, advocaat-partner AKD advocaten & notarissen

Harry Sterk, directeur PPS Netwerk Nederland

Reageer op dit artikel