artikel

Nieuwbouw blijft nodig

bouwbreed

Nederland moet stoppen met de nieuwbouw van woningen, luidde de stelling die donderdag naar het lezerspanel van Cobouw is gezonden. Hier alsvast een reactie.

De stelling is te kort door de bocht. Hoewel de verschillende (demografische) prognoses uiteen lopen, is duidelijk dat het aantal personen en (als gevolg daarvan) het aantal huishoudens in Nederland tot pakweg 2040-2050 blijft toenemen. In de periode tot 2030 gaat het om een toename van zo’n 800.000 huishoudens, tot 2040 om een miljoen. Dat betekent onherroepelijk een toevoeging van woningen aan de bestaande voorraad.

Ik ben het in zoverre eens met de stelling, dat de oplossing slechts ten dele moet worden gezocht in nieuwbouw. Allereerst moet in de toevoeging aan de voorraad worden voorzien door herbestemming van leegstaande of leegkomende kantoren, winkels, scholen, agrarische complexen etc. Met herbestemming kan echter niet in de volledige behoefte worden voorzien. Dat betekent dat nieuwbouw noodzakelijk blijft. Deze moet binnen de contouren van bebouwd gebied plaatsvinden, dat wil zeggen van grote schaal naar kleine korrel. Maak daarbij eerst alle in gang gezette ontwikkelingen af, zoals de diverse Vinex-locaties, spoorzones en (voormalige) bedrijventerreinen en kijk waar je nog verantwoord kunt verdichten. Benut vervolgens alle ‘left-over spaces’ in de steden en dorpen, waar veelal nog straffeloos (kleinschalig) kan worden gebouwd. Vergeet tot slot niet de bestaande voorraad, waarvan zo’n 3,5 miljoen woningen de komende decennia moeten worden aangepakt (herstructurering, sloop/nieuwbouw, renovatie, verduurzaming). Op deze wijze wordt onze bestaande infrastructuur optimaal benut en het voorzieningenniveau behoudt zijn draagkracht. Maar bovenal kun je met een combinatie van maatregelen de toekomstige woningvraag in Nederland accommoderen, zonder grootschalige en kostbare ingrepen uit te voeren.

Het veronderstelt wel een totaal andere en vooral gedifferentieerdere kijk op de woningvraag, rekening houdend met onder meer de bestaande woningvoorraad en de toekomstige uitstroom van ouderen. Het betekent ook andere ontwikkel- en financieringsarrangementen, evenals het zoeken naar nieuwe instrumenten om de ruimtelijke ordening in Nederland te sturen. Maar bovenal betekent het dat publieke bestuurders weer kleur moeten bekennen en keuzes maken over de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het dichtst bevolkte land in de westerse wereld. Kortom, werk aan de winkel!

Henk Döll, Döll Architecten

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels