artikel

Opinie: Kwaliteit voorop? Wijzigingen Wabo en Woningwet

bouwbreed

Opinie: Kwaliteit voorop? Wijzigingen Wabo en Woningwet

De verbetering van de kwaliteitsborging in de bouw heeft de gemoederen de laatste tijd flink bezig gehouden. Inmiddels is het wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het bouwen ter consultatie gepubliceerd. Gisteren lichtten advocaten Marleen Elenbaas en Chantal van Mil toe welke veranderingen te verwachten zijn ten aanzien van het Burgerlijk Wetboek, vandaag behandelen zij mogelijke wijzigingen ten aanzien van de Wabo en de Woningwet.


In de Woningwet wordt een nieuwe afdeling toegevoegd op het gebied van kwaliteitsborging voor het bouwen. Deze afdeling bevat artikelen die onder andere zien op de aanwijzing van categorieën bouwwerken door middel van een nog op te stellen uitvoeringsregeling, een verbodsbepaling om te bouwen zonder een instrument voor kwaliteitsborging en de instrumenten voor kwaliteitsborging.

Publiekrechtelijk: wijziging Woningwet

 

Verder wordt een toelatingsorganisatie kwaliteitsborging bouw ingericht. Deze toelatingsorganisatie zal worden ‘bekleed met openbaar gezag’ en als zelfstandig bestuursorgaan functioneren. In de memorie van toelichting wordt opgemerkt dat de toelatingsorganisatie in haar oordeel over de toelating van instrumenten en in het toezicht en toepassen van sancties onafhankelijk moet zijn, om zo de objectieve kwaliteit te waarborgen. Zonder deskundigheid en onafhankelijkheid zou de toelatingsorganisatie geen draagvlak kunnen creëren binnen de sector en zou het stelsel niet kunnen werken.

Wabo: Handhaving nieuwe stijl



Opvallend is dat in de memorie van toelichting ook wordt opgemerkt dat het wetsvoorstel geen wijzigingen aanbrengt in de huidige systematiek van de Wabo in het kader van handhaving. Het bevoegd gezag kan ook in de nieuwe situatie handhavend blijven optreden wanneer bij het bouwen niet wordt voldaan aan de voorschriften met betrekking tot de kwaliteitsborging voor het bouwen.

Nieuw is echter dat het bevoegd gezag voor de gevallen die onder het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging vallen, tijdens de bouw geen verantwoordelijkheid meer draagt voor de bestuursrechtelijke handhaving van het verbod om te bouwen. Dit geldt echter niet voor alle aspecten van de omgevingsvergunning. Het (materiële) verschil met het huidige stelsel is dat het bouwtechnische deel geen deel meer uitmaakt van de omgevingsvergunning, aldus de toelichting. Het bevoegd gezag blijft tijdens de bouwfase ook onder het nieuwe stelsel dus wel toezicht houden op de naleving van de aspecten die zien op de eisen uit de bouwverordening, de welstandsnota en het bestemmingsplan (de ruimtelijke ordening). Ook blijft het bevoegd gezag bevoegd om tijdens de bouw te handhaven bij overtreding van de andere eisen uit het Bouwbesluit 2012, die niet zien op bouwen. Dit wordt ook wel omgevingsveiligheid genoemd.  

Het verschuiven van publiek naar privaat blijft dus ‘beperkt’ tot het (feitelijk) toezicht op het bouwtechnische deel tijdens en voorafgaand aan de bouwfase.

Gevolgen voor de vergunninghouder

Een ander verschil is dat in het nieuwe stelsel bij de aanvraag niet langer alle gegevens en bescheiden ten aanzien van de bouwtechnische eisen bij het bevoegd gezag moeten worden ingediend. Bij de aanvraag dient al te worden aangegeven met welk toegelaten instrument wordt gewerkt en uiterlijk bij de melding start bouw moet worden aangegeven met welke (gerechtigde) kwaliteitsborger zal worden gewerkt.

Bij gereedmelding wordt een verklaring overgelegd waaruit moet blijken dat het bouwwerk naar het oordeel van de kwaliteitsborger voldoet aan de bouwtechnische voorschriften. Als er bezwaren zijn over de toepassing van bouwtechnische voorschriften, kan de vergunninghouder zich wenden tot een geschillencommissie, mits het toegelaten instrument voor kwaliteitsborging hierin voorziet. In overige gevallen moet de vergunninghouder zich tot de burgerlijke rechter wenden.

Dit betekent dus dat er in het bouwproces een extra rechtsgang bij komt ten aanzien van geschillen over bouwtechnische voorschriften met de kwaliteitsborger. Deze loopt min of meer parallel aan de bezwaarprocedure bij het bevoegd gezag tegen aspecten van de omgevingsvergunning die zien op de ruimtelijke ordening. Deze aspecten blijven in bezwaar vallen onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag.

Toepassing

Het nieuwe stelsel zal eerst worden toegepast op de categorie eenvoudige bouwwerken, zoals woningen, kleine woongebouwen en eenvoudige bedrijfsgebouwen, waarna de meer complexe bouwwerken volgen.

Het is de vraag of de invoering van private kwaliteitsborging inderdaad tot verbetering van de kwaliteit van de bouw en de borging hiervan zal leiden. Ook is het de vraag of het nieuwe stelsel niet voor vertraging tijdens de bouw zal zorgen vanwege het toevoegen van de kwaliteitsborger naast het bevoegd gezag voor een gedeelte van het bouwproces.

Internetconsultatie

Het wetsvoorstel ligt tot 15 september ter consultatie en is te raadplegen via: http://www.internetconsultatie.nl/wetkwaliteitsborgingvoorhetbouwen. Iedereen kan op het wetsvoorstel reageren. De reacties worden betrokken bij de nadere uitwerking. Het streven is het wetsvoorstel eind 2014 aan de Tweede Kamer voor te leggen. Gezien de vele reacties in het verleden op de voorgenomen verbetering van de kwaliteitsborging, zal het laatste woord hierover vast niet zijn gezegd.

Marleen Elenbaas en Chantal van Mil

Het eerste deel van dit tweeluik is gepubliceerd op donderdag 21 augustus 2014.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels