artikel

Stroefheid

bouwbreed

Stroefheid

Onze commissaris van de koning van de provincie Noord-Brabant, Wim Donk, zei onlangs op een bijeenkomst: “We moeten voorkomen dat we goed zijn in wat gisteren van belang was.”

Een uitspraak naar mijn hart. Immers, de wereld is aan het veranderen. In de huisvestingsmarkt is er behoefte aan goede oplossingen om de woningcorporaties te ondersteunen met frisse renovatiemethodes. We zijn bezig met ketenintegratie, het sluiten van allianties en met behulp van BIM werken we vandaag al een stuk efficiënter dan gisteren. Kortom, onze branche is, zij het met heel veel pijn en moeite, op weg naar een nieuwe toekomst.

Helaas is nog een te groot deel van onze opdrachtgevers bezig met, om in Donks woorden te blijven, wat gisteren van belang was. Zij maken daardoor te weinig voortgang met vernieuwingen. Soms uit angst om verkeerde keuzes te maken, soms omdat er nog te weinig zicht is op goede verdienmodellen. En als er door middel van een pilot al een keer een stap voorwaarts wordt gemaakt, wordt deze met heel veel voorbehoud gezet. Terwijl pilots er toch zijn om van te leren, lijkt mij zo.

Het kan allemaal begrijpelijk zijn, maar zo komen we er dus niet. Ooit sprak ik met Herman Wijffels over mijn persoonlijke frustraties met betrekking tot die trage transitie van ons vak. Wijze woorden van troost volgden toen hij de ‘wet van de sociale en economische stroefheid’ toelichtte. Het lijkt er inderdaad op dat die wet helaas ook op onze branche van toepassing is. Er zijn namelijk nog teveel krachten actief die de noodzakelijke vernieuwingen blokkeren. En dan blijven we helaas dus nog heel lang goed in wat gisteren van belang was. Overigens, zijn advies om je te wapenen tegen ‘deze wet’ gebruik ik iedere dag: vernieuwend volhouden!

Bart Hendriks, algemeen directeur Hendriks Coppelmans Bouwgroep

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels