artikel

Afbakening daeb- en niet- daeb-bezit van corporaties

bouwbreed Premium

De Tweede Kamer behandelt momenteel de Novelle Herzieningswet. Een van de kernpunten van dit wetsvoorstel is de verplichte administratieve of juridische scheiding van het daeb- en niet-daeb-bezit van woningcorporaties.

Met de nadere afbakening van het daeb-bezit wil de wetgever dat bezit inperken en de mogelijkheden voor niet-daeb-activiteiten inperken. Dit past in de wens van de regering om de corporaties zich te laten concentreren op hun kerntaak: het huisvesten van mensen met een smalle beurs. Het maatschappelijk bestemde vermogen dient ook (uitsluitend) voor die kerntaken te worden ingezet. Niet-daeb-activiteiten dienen in beginsel zonder overheidssteun (zoals borging van leningen door het WSW) te worden gefinancierd. Bij een administratieve scheiding mogen nieuwe niet-daeb-activiteiten alleen na goedkeuring van de minister worden verricht.

De wetgever regelt specifiek wat daeb-activiteiten zijn; behoort iets niet tot deze categorie dan is er sprake van niet-daeb-activiteiten. Wat zijn de beoogde daeb-activiteiten?

De bestaande regels met betrekking tot het daeb-bezit dat uit wonen bestaat blijven in belangrijke mate ongewijzigd. De nu bestaande mogelijkheid om bijdragen aan de wijkenaanpak te leveren (denk aan het leveren van bijdragen op het gebied van voor- en naschoolse opvang) komt in zijn geheel te vervallen. Daarnaast zijn er belangrijke wijzingen voor de categorieën maatschappelijk vastgoed en leefbaarheid.

Op dit moment bestaan er vrij ruime mogelijkheden voor een woningcorporatie om maatschappelijk vastgoed te bouwen met overheidssteun, te denken valt aan (brede) scholen en complexen voor maatschappelijk werk of welzijnswerk.

Na invoering van het wetsvoorstel (inclusief het bijbehorende Besluit toegelaten instellingen) mag een woningcorporatie alleen het volgende maatschappelijk vastgoed als daeb-bezit bouwen en ontwikkelen:

1. Maatschappelijk vastgoed dat een (tijdelijke) wooncomponent kent: opvangcentra, hospices, – zorgsteunpunten inpandig in een woonzorggebouw, ruimten voor dagbesteding van gehandicapten of ouderen.

2. Kleinschalig vastgoed gericht op de buurt/wijk en bouwkundig een geheel vormt met een voor bewoning bestemd gebouw in eigendom van de woningcorporatie: buurthuizen, gemeenschapscentra, jongerencentra mits zonder horecavoorziening, dorps- en wijkbibliotheken, veiligheidshuizen, ruimte voor op de buurt of wijk gericht maatschappelijk werk door stichtingen of verenigingen, ruimten voor op de buurt of wijk gerichte activiteiten op het gebied van het welzijnswerk door stichtingen of verenigingen.

De mogelijkheden om maatschappelijk vastgoed te ontwikkelen met overheidssteun worden dus beperkt. Bestaand maatschappelijk vastgoed (zoals multifunctionele centra voor maatschappelijke dienstverlening en (brede) scholen) mogen nog wel met overheidssteun door corporaties worden geëxploiteerd. Het is niet meer mogelijk om met overheidssteun dergelijk vastgoed nieuw te bouwen.

In het kader van het leveren van een bijdrage aan de leefbaarheid mag een woningcorporatie op grond van het wetsvoorstel nog de volgende drie activiteiten verrichten:

1. Woonmaatschappelijk werk ten behoeve van de huurders van de door de toegelaten instelling verhuurde woongelegenheden (denk aan achter-de-voordeur-programma’s of het in dienst hebben van een huismeester).

2. Aanleg en onderhoud van kleinschalige infrastructuur in de directe nabijheid van de onroerende zaken van de toegelaten instelling (bijvoorbeeld het onderhoud van het groen rondom de eigen complexen).

3. Bijdragen aan de uitvoering van plannen ter bevordering van een schone woonomgeving, ter voorkoming van overlast en ter bevordering van de veiligheid, uitsluitend ten behoeve van de huurders van de eigen woongelegenheden.

Ook hier geldt dat de mogelijkheden voor woningcorporaties om bijdragen aan de leefbaarheid te leveren worden beperkt. Zo is het straks niet meer mogelijk om investeringen te doen in de openbare ruimte.

Het wetsvoorstel bevat daarnaast de nodige regels omtrent de financiering van DAEB- en niet-DAEB activiteiten. We komen daar in het volgende deel op terug.

Dennis van Tilborg en Eelkje van de Kuilen Advocaten Overheid & Onderneming bij AKD.

Deel 1 is verschenen in Cobouw van 30 oktober.

Reageer op dit artikel