artikel

Register ingenieurs is nuttig en nodig

bouwbreed Premium

Register ingenieurs is nuttig en nodig

De EU-beroepskaart heeft geen meerwaarde voor ingenieurs en makelaars. Die beroepen zijn in de lidstaten niet of anders gereglementeerd. Dat schreef onderwijsminister Bussemaker eind augustus aan de Tweede Kamer. Maar er moet wel een beroepsregister komen, vindt Jan Reneman.

Minister Bussemaker schiet in Cobouw van 27 augustus terecht de Europese beroepskaart voor ingenieurs af. Maar dat doet niet af aan het belang om te komen tot beroepsregisters om het kaf van het koren te scheiden in de uitoefening van technische beroepen. Daar heeft ook de overheid belang bij. Die ontwikkeling is bottom-up gaande en verdient meer aandacht, ook van de politiek.

Niet meer informatie

Essentieel is het verschil en de meerwaarde die toelating tot zo’n beroepsregister heeft ten opzichte van de Europese beroepskaart (de Engineering Card). De E-Card stelt alleen een aantal opleidingscriteria maar laat de toetsing in hoeverre nationale opleidingen daaraan voldoen over aan de nationale ingenieursverenigingen. Kortom, het verschaft een (buitenlandse) opdrachtgever niet meer informatie dan dat een E-Card-houder volgens diens nationale vereniging als een ingenieur beschouwd mag worden. Maar is dat ook wat die opdrachtgever van een ingenieur verwacht? Die vraag blijft onbeantwoord.

Een beroepsregister hanteert naast opleidingsvereisten ook de onderscheiden specifieke beroepskwalificaties die vanuit de actuele praktijk gedefinieerd worden door alle betrokken stakeholders: deskundigen uit het beroep, uit categoerieën van opdrachtgevers, uit het onderwijs en uit branche- of koepelorganisaties. Dat gaat dus veel verder dan opleidingseisen, het gaat om performance in de actuele beroepspraktijk! De kwaliteit van de beroepsuitoefening zal ermee gediend zijn als de individueel geregistreerden periodiek kunnen aantonen (nog steeds) aan de gestelde kwalifiacties te voldoen èn als potentiële opdrachtgevers vrije toegang hebben tot zo’n beroepsregisters. Zo functioneert inmiddels in Nederland het beroepsregister voor constructeurs en het register voor ontwerpers; met na vier jaar bijna duizend geregistreerde en gecontroleerde ingenieurs (www.constructeursregister.nl ). Dit initiatief, dat vier jaar geleden bottom-up vanuit de bouwsector werd genomen, verdient navolging door andere technische beroepen.

Tweeledig doel

Parallel aan de totstandkoming van het constructeursregister heeft een aantal gezaghebbende instanties (KIVI, NLingenieurs, Bouwend Nederland, 3-TU Federatie, Vereniging Hogescholen, NEN) de stichting Registerautoriteit Bètatechniek opgericht. Dit register heefteen tweeledig doel: het stimuleren van totstandkoming van registers die bijdragen aan het waarborgen van de kwaliteit en integriteit van (groepen van) beroepsuitoefenaren; èn het toezien op de kwaliteit, transparantie en relevantie van beroepsregisters in het domein bètatechniek. Een beroepsregister dat aan die eisen voldoet wordt door de Registerautoriteit erkend.

Naarmate meer beroepsregisters in Nederland ontstaan en door de Registerautoriteit erkend worden, ontstaat een met het Verenigd Koninkrijk vergelijkbare situatie die vervolgens tot wederzijdse erkenning van specifieke groepen beroepsuitoefenaren kan gaan leiden. De bij wet ingestelde Engineering Council in de Verenigd Koninkrijk erkent 36 (!) beroepsorganisaties die zijn geautoriseerd om de kwalificatie chartered engineertoe te kennen op grond van beroepsspecifieke criteria die veel verder gaan dan voor de e-card vereist. Eén van die 36 beroepsorganisaties is het Institute of Structural Engineers, dat hetzelfde werkterrein bestrijkt als het Constructeursregister in Nederland. Gepoogd wordt te komen tot wederzijdse erkenning van gelijkwaardigheid. Zo zullen uiteindelijk de beste professionals zich internationaal onderscheidend kunnen presenteren. Dit in tegenstelling tot de Engineering Card-houders waarbij de zwakste pretendeert gelijwaardig aan de beste te zijn.

Jan Reneman, bestuurslid van Registerautoriteit Bètatechniek namens KIVI

Reageer op dit artikel