artikel

Stoppen

bouwbreed Premium

Stoppen

Een van mijn leermeesters, Herman van Gunsteren, schreef een boekje over stoppen. De ondertitel was: “U kunt het. U wilt het. U doet het niet.”

De parlementaire enquête woningcorporaties gaat in essentie over stoppen. Bij alle casuïstiek die de komende weken langskomt moet u zich afvragen: waarom stopten ze niet eerder? En wie had er aan de noodrem moeten trekken? We zullen dan constateren dat de politiek niet naar de handrem greep: die stond erbij en keek ernaar. Sterker nog, terwijl in één van de cases corporatiedirecteuren uit de betreffende regio bij het OM en het toenmalige VROM aan de bel trokken, kreeg de betrokken directeur in 2010 een koninklijke onderscheiding.

Dat de bij de cases betrokken directeuren zelf niet stopten, ligt voor de hand. In alle cases ging het om zelfverzekerde directeuren, die ervan overtuigd waren dat ze met de goede dingen bezig waren en het goed deden. Die directeuren werden daarin door hun omgeving (opnieuw de politiek, het management in eigen huis, vakgenoten, lokale pers en interne toezichthouders) enorm bevestigd.

Maar terug naar de vraag wie aan de noodrem had moeten trekken. De interne toezichthouders! De leden van de raden van toezicht/commissarissen dus. En waarom deden die dat dan niet? In veel van de cases zal blijken dat de toezichthouders vriendjes van de directeur waren en soms zelfs opkeken tegen de directeur. In veel cases zal blijken dat toezichthouders niet voldoende ter zake kundig zijn, te weinig tijd hebben, vooral goed kunnen babbelen of zulke old boys zijn dat ze geen kritische vragen meer kunnen stellen. Laten we hopen dat de commissie haar pijlen gaat richten op de mannen en vrouwen die ervoor waren aan de noodrem te trekken.

Lenny Vulperhorst, adviseur Andersson Elffers Felix Utrecht l.vulperhorst@aef.nl

Reageer op dit artikel