artikel

Internet of things stimuleert innovatie

bouwbreed Premium

Internet of things stimuleert innovatie

De snelle ontwikkelingen op het gebied van internet of things kan de bouwsector veel opleveren en zorgt voor innovaties. Nieuwe sectoroverschrijdende samenwerkingscoalities zullen ontstaan. Het ontwikkelen van nieuwe businessmodellen gebaseerd op het uitwisselen en delen van informaties tussen mensen, machines en organisaties is noodzakelijk.

Hoe slim zijn uw sokken? Waarschijnlijk niet slim of u heeft ‘slimme sokken’ aan van het bedrijf Black-socks? In deze sokken zit namelijk een NFC-chip verwerkt, die de sokken kan traceren. De technologie helpt ook om de juiste sokken bij elkaar te houden en te controleren op slijtage. Als de kleur van de sokken vervaagt of een of beide sokken niet meer kan worden gevonden, ontvangt de klant een nieuw paar. Fysieke objecten worden steeds vaker gemaakt en geïntegreerd in een virtuele omgeving, zijn onderling verbonden en vormen netwerken die met elkaar informatie uitwisselen en delen. Kortom, de interconnectiviteit van ‘apparaten’ verbonden met het internet in gebouwen, huizen, op (water)wegen en de mens blijft toenemen.

Internet of things is een logisch vervolg in de ontwikkeling van het reeds bestaande internet. Naast mensen zullen in deze ontwikkeling ook objecten steeds meer in wereldwijde netwerken worden verbonden. .

In 2012 publiceerde het Amerikaanse General Electric (GE) zijn visie op de ontwikkeling van het industriële internet, waarin intelligente machines, fabrieken en onderhoudsprocessen met elkaar worden verbonden in netwerken, zelfs op componentniveau. Binnen deze netwerken zijn intelligente machines en mensen met elkaar in staat om informatie uit te wisselen en te delen, ongeacht hun tijd en plaats. Volgens GE leidt deze revolutie langzaam tot een ‘industrial internet of things’.

Industrie 4.0

In Europa is Duitsland niet alleen het toonaangevende land op het gebied van de industriële productie, maar wereldwijd ook in de productie van industriële componenten. Voor Duitsland is het belangrijk in te spelen op deze wereldwijde ontwikkelingen en daarmee zijn bestaande toonaangevende economische positie te behouden in de ontwikkeling van het industriële internet of things. De Duitse overheid en de Duitse industrie hebben gezamenlijk een eigen antwoord ontwikkeld in de vorm van Industrie 4.0. De Duitse toekomstvisie is gebaseerd op de gedachte dat na de mechanisatie, elektrificatie en de snelle opkomst van ICT, nu een vierde revolutie in gang wordt gezet naar de integratie van industriële productie, producten en onderhoudsdiensten in netwerken als internet of things en services.

Welke gevolgen heeft deze ontwikkeling voor de bouw, het bouwproces en voor de gebouwde omgeving en welke kansen biedt het in Nederland en daarbuiten? Ten eerste zal de interconnectiviteit tussen mensen en machines in netwerken onvermijdelijk gevolgen hebben voor de manier waarop we onszelf zien als mensen in onze wereld, hoe we leren en de manier waarop we samenwerken in organisaties. Ook zullen door het gebruik van steeds meer sensoren, nieuwe materialen en robotica gebouwen slimmer worden waardoor ze beter kunnen inspelen op de bezettingsgraad, zullen auto’s steeds meer autonoom gaan rijden en zullen objecten in de gebouwde omgeving meer gaan inspelen op de aanwezigheid van andere gebouwen of mensen in hun omgeving dan nu het geval is. Ten tweede zal het internet of things bijdragen aan een verdere wereldwijde informatisering. Dit verhoogt niet alleen de economische afhankelijkheid van informatie in onze samenleving, maar informatie vormt daardoor ook een steeds meer vanzelfsprekende factor in onze woon-, werk- en leefomgeving. McKinsey beoordeelt de economische impact van het internet of things als gigantisch, met de gezondheidszorg, infrastructuur en openbare dienstensector als de meest veelbelovende domeinen.

Om succesvol te anticiperen op deze digitale veranderingen is het verstandig om de marktontwikkelingen uit andere sectoren te volgen en het onderwerp te agenderen. De bouwsector beschikt over de vrijheid om zelf het ritme van zijn voortbestaan te bepalen. De sector wordt (nog) niet welvarend vanwege een technologische doorbraak, maar wel door verzilveren ervan en het daarmee vergroten van haar concurrentiekracht.

Prof. dr. Ben van Lier, directeur Strategie & Innovatie – Centric

Menno Lammers, business innovator – BOO|s|T Business Innovation

Reageer op dit artikel