artikel

Pragmatisme en de stad

bouwbreed Premium

Pragmatisme en de stad

Stedenbouwers, planologen, ontwikkelaars en politici kunnen niet zonder de adrenaline van hippe bijvoeglijke naamwoorden. De Duurzame Stad. De Creatieve Stad. En ga zo maar door.

Laatst werd mij in een zaaltje met topambtenaren uitgelegd dat De Slimme Stad aanstaande is. Komt het omdat ik ouder word en het nu wel gehad heb met die adjectieven? Of is er sprake van bullshit? Gewoon weer een nieuwe onzinnige redenering?

Ik las er Benjamin Barber snel op na. Spraakmakend denker die zojuist een boek schreef over de stad. If mayors ruled the world. Let op, zonder vraagteken. Barber zegt dat op het niveau van de natiestaat de politiek ideologiseert en polemisch is, terwijl in de stad gewoon het vuil moet worden opgehaald, de bus moet rijden, er schoon water uit de kraan moet komen en kinderen goed onderwijs moeten krijgen. In de stad, aldus Barber, gaat het om pragmatisme en problemen oplossen. En dat kan alleen maar als je samenwerkt in netwerken. Bovendien moet je het in de stad met de burgers doen.

Tegenover al die hippe adjectieven die voor stad worden gezet, pleit ik dan ook voor de pragmatische stad. Natuurlijk moet de politiek de kaders stellen, maar het vervolgens bedenken en uitvoeren van de concrete plannen en ingrepen vergt pragmatiek, coproductie en cofinanciering. En veel creativiteit en doorzettingsvermogen van iedereen.

Politici en ambtenaren moeten vanuit een breed repertoire naar de beste manier zoeken om de stad met private partijen vorm te geven. Soms gebruiken ze hun macht, maar vaker verleiden ze, werken ze samen en laten ze het over. Dat is niet eenvoudig, om nu eens zus en dan weer zo te handelen. Dat is eigenlijk alleen gegeven aan vakmensen. En die zaten er gelukkig genoeg in de zaal.

Lenny Vulperhorst, adviseur Andersson Elffers Felix Utrecht

l.vulperhorst@aef.nl

Reageer op dit artikel