artikel

Registratie EU-werkers nodig tegen misbruik

bouwbreed

Registratie EU-werkers nodig tegen misbruik

Het vrije verkeer van personen is een van de fundamenten van de Europese Unie en een groot goed. Toch dreigt het met dit principe te vergaan zoals met meer paradigmata: het wordt een dogma waarna een genuanceerd gesprek op basis van feiten niet meer mogelijk is. Henk Klein Poelhuis, Jan van de Kant en Ruud Maas scharen zich achter minister Asscher die de moed heeft negatieve effecten van arbeidsmigratie te benoemen.

Veel disciplines in de bouwgerelateerde bedrijfstakken zijn arbeidsintensief. Dit betekent dat de prijs van arbeid bepalend is voor de marktprijs van zo’n dienst, bijvoorbeeld schilderen, stukadoren of tegelzetten. Wie deze prijs door slim inkopen kan drukken, heeft een doorslaggevend concurrentievoordeel. De inkoopprijs van arbeid is in deze disciplines gereguleerd door de cao-lonen en in de tweede plaats door wat zzp’ers voor hun diensten vragen. Beide schommelen tussen 20 en 40 euro per uur.

De Europese theorie is dat ook vakkrachten uit nieuwe EU-landen kunnen worden ingehuurd in dit beloningssysteem en dat zij dus ook per uur tussen 20 en 40 euro zouden moeten kosten.

Maar de praktijk in ons land is een heel andere. Voor dit prijsniveau zal geen enkele Nederlandse opdrachtgever akkoord gaan met de inzet van Roemeense of Bulgaarse vakkrachten. Voor dit prijsniveau verwacht de klant een Nederlandstalige vakkracht waarmee hij fatsoenlijk kan communiceren en die bovendien uitstekend vakwerk levert.

Een Roemeense of Bulgaarse schilder verdient in eigen land momenteel netto respectievelijk 260 en 200 euro per maand. Bij het perspectief om in Nederland driemaal zoveel te verdienen, is het de Roemeense vakschilder die zijn ogen uitwrijft. Maar waar verdient een Roemeense of Bulgaarse vakschilder in ons land respectievelijk 780 en 600 euro netto per maand? Antwoord: in het zwarte en louche circuit. Bonafide bedrijven krijgen vervolgens te maken met een heftige prijsconcurrentie en zullen het moeten opgeven en failliet gaan of mee moeten gaan in deze race naar de bodem van de prijs voor arbeid.

Onze ondernemers hebben de effecten gevoeld van de instroom van Poolse vakkrachten. Hoe kijken zij nu aan tegen de instroom van Roemeense en Bulgaarse vakkrachten? Marketing Consultancybureau USP heeft het uitgezocht. 84 procent van de ruim vijfhonderd deelnemende bedrijven ondervindt concurrentie op arbeidskosten. 64 procent van deze bedrijven geeft aan dat deze prijsconcurrentie is gelegen in de (veel) lagere prijs voor arbeid van vakkrachten uit de nieuwe EU-lidstaten. Geen wonder dat 42 procent ook nog eens het zwarte circuit aanwijst, want deze twee blijken samen te hangen. 57 procent van de respondenten geeft aan dat zij lagere prijzen moeten offreren als antwoord op deze ontwikkeling. Een derde van de bedrijven ziet als oplossing het ontslaan van vaste vakkrachten, waarna flexwerkers kunnen worden ingehuurd.

Oplossingen

Helaas illustreert deze uitkomst de ontwikkelingen die door minister Asscher zijn benoemd. Maar onze bedrijven zien ook oplossingen: een verplichting om zich aan de Nederlandse regels te houden. Simpeler gezegd: zij pleiten voor het principe gelijke monniken, gelijke kappen. Hoe kunnen we dit bereiken?

OnderhoudNL, Aannemersfederatie Nederland en de NOA erkennen het grote goed van het vrije verkeer van personen als fundament van de Europe Unie. Dankzij minister Asscher sluiten wij niet langer de ogen voor enkele ongewenste effecten, zoals het bovenstaande mechanisme. Bestrijding van zwartwerk en louche inhuurconstructies moet de oplossing bieden. En dat kan alleen maar als er verplicht, op een beknopte, maar adequate wijze wordt geregistreerd. Er moet dus in ons land een verplichte registratie komen van EU-werkers die hier komen werken. Een oplossing die niet in het juridische moeras dient te lopen. Asscher heeft terecht enkele ongewenste ontwikkelingen benoemd.

Het is nu aan de politici van goede wil om een aanvang te maken met de oplossing.

Henk Klein Poelhuis, Voorzitter Aannemersfederatie Nederland

Jan van de Kant, Voorzitter Nederlandse Ondernemingsvereniging voor Afbouwbedrijven

Ruud Maas, Voorzitter OnderhoudNL

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels