artikel

Hoge Raad hanteert momenteel uitdrukkelijk ontvangsttheorie

bouwbreed

Wil een tot een persoon gerichte verklaring haar werking hebben, is wettelijk vereist dat die verklaring die persoon moet hebben bereikt; wanneer van “ontvangen” sprake is, is echter niet bepaald. De Hoge Raad heeft zich daarover recentelijk uitgelaten (HR 14 juni 2013, LJN: BZ4104, NJ 2013/391, m.nt. Tjong Tjin Tai).

De kwestie handelde over verval van een terugkooprecht dat mocht worden ingeroepen als drie maanden huurachterstand bestond. De koper/verhuurder heeft (in elk geval) drie aanmaningen per aangetekende en gewone post verstuurd naar het overeengekomen adres. De huurder betwist ontvangst van twee daarvan, stellende dat het onjuiste adres is gebruikt, en dat de gebruikte postbus tijdelijk buiten gebruik was. Het Hof heeft geoordeeld dat verzending naar een door de huurder opgegeven adres had moeten plaatsvinden. De Hoge Raad oordeelt anders.

Van “ontvangen” is sprake als de afzender aantoont dat hij een adres heeft gebruikt waarvan hij redelijkerwijs mocht aannemen dat de geadresseerde daar kon worden bereikt, en dat de verklaring is aangekomen. Tenzij anders overeengekomen – bijvoorbeeld via algemene voorwaarden – geldt als adres: het woon- of zakelijke adres, of een adres waarvan de afzender uit verklaringen of gedragingen van de geadresseerde mocht afleiden dat deze daar bereikbaar is, zoals een postbus, ander adres dat recentelijk tussen partijen is gebruikt, of – de Hoge Raad noemt het expliciet – een e-mailadres. Wil iemand verdere communicatie niet op een gebruikt adres ontvangen c.q. is dat adres (tijdelijk) buiten gebruik, dan zal diegene dat in de regel uitdrukkelijk moeten aangeven en een adreswijziging moeten doorgeven.

Dan geldt echter nog de eis dat aangetoond moet worden dat de verklaring is aangekomen. Daarin ligt verborgen het aantonen dat een verklaring is verzonden, waarbij ook de aard van de verklaring – aanmaning/ingebrekestelling – bepalend is voor de wijze van verzending. Hoewel niet onfeilbaar toont zich hier de meerwaarde van – zeker thans met track-and-trace – aangetekend versturen, en fax- en e-mailberichten met ontvangstbevestiging, omdat daarmee in elk geval een begin van bewijs voorhanden is. Het niet leeghalen of buiten gebruik zijn van een postbus of een lege papierlade is in beginsel voor risico van de geadresseerde.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels