artikel

Beginselen aanbestedingsrecht en hun toepasselijkheid

bouwbreed

In Cobouw werd kort geleden al aandacht geschonken aan private aanbestedingen in het licht van de beginselen van aanbestedingsrecht. Daarbij werd kort het arrest van de Hoge Raad van 3 mei 2013 (LJN: BZ2900) genoemd. Een arrest om iets langer bij stil te staan.

Contractpartijen moeten zich tegenover elkaar redelijk en fatsoenlijk gedragen. Alweer 31 jaar geleden werkte de Hoge Raad uit dat partijen in onderhandelingen op grond van de precontractuele goede trouw zodanig aan elkaar verbonden kunnen zijn dat zij die niet zonder meer kunnen afbreken (Plas/Valburg).

Daarna werd de precontractuele goede trouw iets waarmee partijen rekening moesten houden. In het laatste decennium kwam daar een dimensie bij. In het Conformed-arrest (HR 4 april 2003) werd geoordeeld dat daar waar een zorgverzekeraar vrijwillig koos voor het houden van een aanbesteding, hierdoor over de band van de precontractuele goede trouw ook het aan het aanbestedingsrecht ontleende gelijkheidsbeginsel kon gelden. Over dat arrest is veel geschreven, met name over de vraag of in private aanbestedingen ook de beginselen van aanbestedingsrecht zoals transparantie, objectiviteit en gelijkheid golden. In 2005 deed KLM een uitvraag voor schoonmaakwerkzaamheden in vliegtuigen. KLM nam een disclaimer op in haar aanbestedingsstukken die inhield dat zij op grond van de uitvraag tot niets verplicht was en zich het recht voorbehield om met een of meer aanbieders te onderhandelen. Toen zij van dat recht gebruikmaakte op een niet al te transparante wijze, beriep een van de deelnemers zich op de beginselen van aanbestedingsrecht. Nadat deze bij de rechtbank ongelijk en bij het hof gelijk had gekregen, kwam de zaak bij de Hoge Raad. Daar ging het alsnog mis voor de deelnemer. De raad oordeelde dat de vraag of deelnemers gerechtvaardigd mogen verwachten dat de aanbestedingsbeginselen van toepassing zijn, afhangt van wat partijen aan aanbestedingsvoorwaarden overeen zijn gekomen en van de overige omstandigheden van het geval. Het door KLM uitdrukkelijk gemaakte voorbehoud stond in de weg aan een gerechtvaardigde verwachting dat aanbestedingsbeginselen zouden gelden. De les voor private aanbesteders is daarmee dat zij tot op zekere hoogte de algemene beginselen van aanbestedingsrecht buiten de deur kunnen houden door dit uitdrukkelijk in hun aanbestedingsstukken op te nemen.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels