artikel

Betrek meer partijen bij ‘ontslakken’

bouwbreed

Betrek meer partijen bij ‘ontslakken’

“Het is tijd om te ontslakken”, stelde professor Friso de Zeeuw onlangs, om bouwprojecten weer vlot te trekken. Robbert Coops en Bert Wolting lazen het rapport van het Actieteam Ontslakken Gebiedsontwikkeling.

Het Actieteam Ontslakken Gebiedsontwikkeling heeft onlangs vanuit de Actieagenda Bouw een veertigtal aanbevelingen gedaan om bouwprojecten sneller, goedkoper en flexibeler te kunnen realiseren. Dit initiatief is vooral bedoeld om goedbedoeld (?) overheidsbeleid met zijn vele regels, procedures, maar vooral de verstikkende sectorale benadering van bouwprojecten een halt toe te roepen. Maak een einde aan dit “drama van goede bedoelingen” was de oproep van dertien (ervarings)deskundigen die het rapport onder leiding van Friso de Zeeuw, praktijkhoogleraar gebiedsontwikkeling aan de TU Delft, hebben gepresenteerd. “Het is tijd om te ontslakken, om aantrekkelijker te worden voor private investeerders”.

Gebiedsontwikkeling heeft het zwaar. Dat komt zeker niet alleen door de financiële (bouw)crisis, maar ook door de stapeling van regels, nota’s en ambities. Dat leidt tot vertraging en onnodige kosten. Om daar wat aan te doen, zal er gedereguleerd en ontschot moeten worden. Planologische regels, opeten minderen, de samenwerking en communicatie tussen gemeente en marktpartijen moeten simpeler en effectiever. Ontschotten en ontslakken kunnen prima samen gaan, aldus lector gebiedsontwikkeling en transitiemanagement aan de Hogeschool Rotterdam, Gert-Joost Peek, zeker wanneer de gewonnen efficiency bijdraagt aan de integraliteit van de oplossing.

Uit het rapport van het actieteam halen wij enkele essentiële aanbevelingen:

• Begin met ontkoppen. Stel in uw gemeente aan de orde waarom we überhaupt extra lokale regels vaststellen die boven het Bouwbesluit en landelijke regelgeving uitgaan.

• Bestrijd sectoraal denken. Sectorale toetsingen die worden gestapeld leiden tot misvormde beoordeling van plannen voor gebiedsontwikkeling. Houd toetsingsdocumenten kort en overzichtelijk.

Het is nog net geen oproep tot burgerlijke ongehoorzaamheid, al zou dat misschien wel beter zijn. En weliswaar kost dit arbeidsplaatsen op gemeentelijk niveau maar die kunnen misschien beter worden ingezet om private partijen te ondersteunen hun projecten haalbaar te maken.

Grondwaarden

Een groot aantal andere – vaak al eerder gepubliceerde – aanbevelingen betreffen de publiek-private samenwerking, zoals: boek tijdig te hoge grondwaarden af, wees transparant, stel ambities tijdig bij, hou de gemeente niet aan het lijntje, beperk het aantal samenwerkingspartners en hou ontwikkelcompetities light . Voorts worden ook aanbevelingen gedaan op provincaal en rijksniveau om gemeenten te steunen en niet te frustreren in hun pogingen projecten van de grond te tillen.

Pikant is de oproep aan ‘rijke’ provincies om ook een steuntje bij te dragen aan projecten. Op rijksniveau luiden de aanbevelingen: wees niet roomser dan Europa, doe normaal met staatssteun en maak herbestemming eenvoudiger. Het zijn aanbevelingen die uit menig hart gegrepen zijn.

Het voorgaande leidt onvermijdelijk tot een oproep aan gemeenten om mee te doen aan een pilot waarvoor nu door een expertteam acht gemeenten zijn gekozen: Breda, Delft, Woerden, Leiden, Schagen, Maassluis, Tilburg en Ede. Uitgangspunt is dat de gemeente zelf aangeeft op welke wijze het meeste rendement uit een traject kan worden gehaald. In alle gevallen is het uitgangspunt het op gang houden van vastgoedinvesteringen in woningen, ander vastgoed en stedelijke vernieuwing. De onderlinge verschillen tussen de acht pilots hebben tot consequentie dat niet duidelijk is wanneer de (eerste) resultaten zichtbaar worden; na de zomervakantie zullen niettemin de eerste ervaringen worden uitgewisseld.

Wat wij bij deze aanpak vooralsnog missen is de expliciete inzet van marktpartijen, corporaties en particulieren. Ons eerder pleidooi voor privaat gestuurde gebiedsontwikkeling ( Cobouw14 juni) zou juist een impuls kunnen krijgen als die partijen actief betrokken worden bij het ontslakkingsproces. Dat houdt ook in dat men zelf zou moeten ontslakken in eigen bedrijfsregels, procedures en sectorale benadering. Zoals eerder gesuggereerd zou de inzet van ambtenaren, die hun regelgevende en controlerende taak zien verdwijnen, mits een goede grondhouding, zeer productief kunnen werken.

Bekijk het rapport van het Actieteam Ontslakken Gebiedsontwikkeling

Drs. Bert Wolting, Wolting Gebiedsconsult (wolting@gebiedsconsult.nl)

Drs. Robbert Coops, Sociaal-geograaf en werkzaam bij Schinkelshoek & Verhoog Communicatie (r.coops@schinkelshoekverhoog.com)

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels