artikel

Duurzaam moet je niet zeggen, maar doen

bouwbreed

Is een verduurzaming van onze samenleving alleen iets waar we graag over praten of is het iets dat we ook echt willen doen? Als dat laatste het geval is, komt het er nu op aan dat we bereid zijn om de maatregelen te nemen die daarvoor nodig zijn, vindt Titia Siertsema.

De Tweede Kamer bespreekt binnenkort de invoering van het energielabel voor woningen. Daarbij komt ook het ‘energielabel-light’ aan de orde, een eenvoudige en goedkope variant op het volwaardige energielabel, maar volgens ons geen serieus alternatief.

Uneto-VNI is een voorstander van de invoering van het energielabel voor woningen, omdat het consumenten bewust maakt van hun energieverbruik. Maar dat is nu precies wat het ‘energielabel-light’ niet doet. Volgens deze methode krijgt iedere woning een indicatief energielabel op basis van tien kenmerken die de bewoner zelf invult. Omdat dit label niet wordt toegekend door een deskundige die de situatie ter plekke beoordeelt, levert het hooguit een indicatie op van het mogelijke energieverbruik. Het energielabel-light heeft daardoor geen enkele waarde en kan bijvoorbeeld niet worden gebruikt als basis voor de verstrekking van een hypotheek of het verlenen van een subsidie voor energiebesparende maatregelen. Energie besparen, daar is het echte energielabel voor woningen op gericht. Een ‘energielabel-light’ komt bij die doelstelling niet eens in de buurt.

Liefst 40 procent van het totale energieverbruik in ons land komt voor rekening van gebouwen en woningen. Dat percentage kan drastisch omlaag. De overheid heeft herhaaldelijk de ambitie uitgesproken om het energieverbruik fors te verminderen. Bij die ambitie past een consistent beleid met stevige besluiten. De invoering van een volwaardig energielabel voor woningen is zo’n besluit. Als we in plaats daarvan kiezen voor het energielabel-light, nemen we genoegen met window dressing. We doen dan alsof duurzaamheid ons echt aan het hart gaat, maar we gaan de noodzakelijke maatregelen uit de weg.

Betaalbaar

In de discussie rond het energielabel gaat het vaak over de kosten en zelden over de opbrengsten. Toch zijn die er wel degelijk. Uit recent onderzoek van Milieu Centraal blijkt dat 20 procent van de Nederlanders zich zorgen maakt over de hoogte van de energierekening. Een volwaardig energielabel is een prima instrument om de rekening van grote groepen Nederlanders ook op de langere termijn betaalbaar te houden.

De ervaring met auto’s en witgoed laat zien dat een energielabel werkelijk iets teweeg kan brengen. Fabrikanten geven het label een prominente plaats in hun communicatie en consumenten laten hun keuze steeds vaker beïnvloeden door informatie over het verbruik. Als we een volwaardig energielabel invoeren, gaat dat ongetwijfeld ook bij woningen gebeuren. De overheid heeft de kans om dat effect te bevorderen door een differentiatie aan te brengen in het eigen woningforfait en de OZB-aanslag. En in de vorm van fiscale maatregelen met betrekking tot de hypotheekrente. Als ondernemersorganisatie willen wij een actieve rol spelen om het energielabel tot een succes te maken. Zo ontwikkelen we een rekentool die de opname van het energielabel veel makkelijker maakt.

Vorige week stond in deze krant dat het energielabel volgens onderzoekers van de TU in Delft niets zegt over het werkelijke energieverbruik. Dat klopt. Het label laat zien hoe energiezuinig een woning kán zijn. Maar als de bewoners de thermostaat dag en nacht hoog laten staan en uren onder de douche doorbrengen, kan ook in een energiezuinige woning de energierekening fors oplopen. Consumenten die een energiebesparende maatregel overwegen, zullen daarin dus ook hun eigen energiegedrag moeten meenemen. Toch brengt een energielabel woningbezitters in beweging. Het vormt een directe impuls voor consumenten om energiebesparende maatregelen in en om het huis te treffen. Dat heeft een positief effect op het milieu, maar óók op de werkgelegenheid in de bouw- en installatiebranche. Alleen een volwaardig energielabel zal werkelijk effect hebben op het energieverbruik van woningen. De Tweede Kamer kan een inspirerend startsein geven voor een structurele energiebesparing. Het is de hoogste tijd om de discussie te beëindigen en te beginnen met besparen.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels