artikel

Duurzaamheid vraagt om integrale aanpak

bouwbreed Premium

Duurzaamheid vraagt om integrale aanpak

Is Breeam de maat der dingen in de gebouwde omgeving? Blijft er nog iets te wensen over, als een gebouw volgens de Breeam-maatstaven outstanding of excellent is? Meer wegen leiden naar Rome, aldus Piet Oskam.

De actuele duurzaamheidsgolf heeft veel bouwprofessionals meegesleept, waardoor behoefte aan duidelijkheid en eenduidigheid is ontstaan. In die vraag lijken meerdere certificaten en keurmerken te voorzien, waarbij voor Breeam veel adhesie lijkt te bestaan. Breeam maakt deel uit van een internationale beweging, is aangepast aan Nederlandse maatstaven en heeft een succesvolle marketingstrategie gevolgd. Ondertussen ontstaan er in de bouwpraktijk steeds meer kritische vragen over de praktische betekenis en de toepassingswaarde van Breeam als maatstaf voor duurzaamheid bij de ontwikkeling van gebouwen en gebieden. De vraag is dan of aspecten als materialisering en kwaliteit voldoende worden meegewogen bij de vaststelling of een bouwwerk aan duurzaamheidseisen voldoet.

Er leiden meerdere wegen naar Rome. Zo zijn er ook vele mogelijkheden om duurzaamheid te bereiken. Het ligt er maar aan welke inhoud aan dit veelgebezigde begrip wordt gegeven. Gaat het om milieu? Om gezondheid? Om recycling of cradle to cradle? Is vitale architectuur van belang? Spelen flexibiliteit en aanpasbaarheid een rol? Afhankelijk van ieder gezichtspunt dat men inneemt, kan een bewandelbare route naar het doel worden uitgezet. Het mooie van een keurmerk of certificaat is dan dat daarmee het begrip duurzaamheid van een aansprekend en verhandelbaar jasje wordt voorzien. Dat gaat goed, zolang de vlag de lading dekt. Als duurzaamheid in betekenis groeit, neemt het groteske vormen aan en past het eerder gekozen jasje niet meer. Dat gaat knellen, waardoor het jasje scheuren gaat vertonen. Dat euvel laat zich gemakkelijk voorzien bij ieder keurmerk, dat op enigerlei wijze pretendeert zo’n passend duurzaamheidsjasje te zijn.

Meerdere maatstaven

Om een eerlijke en hanteerbare afweging van duurzaamheidsfactoren in de bouwsector te krijgen, zal aan meerdere maatstaven moeten worden voldaan. Allereerst is een eenduidige definitie van duurzaamheid nodig. Daarin zijn veel variëteiten en smaken denkbaar, terwijl op elk gebied de dynamiek groot is. Als de definitiekwestie is opgelost, is vervolgens een sterke focus op de functionaliteit van het gebouw van belang. Dan zijn we niet langer vormgericht, maar vooral functiegericht bezig. Een derde vereiste voor een betrouwbare standaard op duurzaamheidsgebied is dat er overeenstemming dient te zijn tussen het bouwplan en de verwerkelijking daarvan in de realisatiefase. Op dat gebied bestaat er terecht veel zorg over de waarde die aan welk duurzaamheidscertificaat dan ook kan worden toegekend. Wie zorgt er voor dat er niet wordt gemanipuleerd tussen plan en werkelijkheid? Als dat niet met de nodige waarborgen is omgeven, geeft geen enkel keurmerk een garantie. Een vierde eis is dat de beoordeling van de duurzaamheid gericht moet zijn op de totale levensduur van het bouwwerk. Als het keurmerk zich richt op gebiedsontwikkeling, wordt dat nog moeilijker te beoordelen. Een vijfde en zeker niet onbelangrijke factor bij de duurzaamheidsdiscussie is de noodzaak van integrale samenwerking vanaf het ontwerp tot de uitvoering en beheer en de exploitatie van het bouwwerk of het gebied. Daar wringt het enorm als we letten op de discussie over duurzaamheid in het licht van de sterk toegenomen belangstelling voor integrale bouwprocessen. Natuurlijk zien we dat moderne technieken en methodieken als BIM en lean hierin een bijdrage aan de oplossing kunnen leveren. Dat wil nog niet zeggen dat daarmee de oplossing gegeven is. Managementtools zijn nooit een oplossing, als het bouwproces niet eerst helder beschreven en transparant gecommuniceerd is. Willen Breeam en andere duurzaamheidscertificaten een rol van betekenis blijven spelen, dan zal door alle betrokkenen veel meer belang gehecht moeten worden aan een integrale benadering van het bouwproces.

Piet M. Oskam, directeur Centrum voor Innovatie van de Bouwkolom (CIB), Zeist

Reageer op dit artikel