artikel

De sloopkogel hoeft niet, herbestemmen is urgent

bouwbreed

De sloopkogel hoeft niet, herbestemmen is urgent

Herbestemmen van leegstaande panden is noodzakelijk en urgent. Dit blijkt uit het pas verschenen boek ‘Nieuw in oud’, dat is gewijd aan Den Haag. Robbert Coops las het.

Schuin tegenover de redactieburelen van Cobouwstaat de Caballero Fabriek. Nog niet eens zo lang geleden een productie-unit van de firma Laurens, die verplaatst werd naar Zevenaar. Leegstand, verloedering en sloop voor dit markante fabriekscomplex dreigden totdat de gemeente Den Haag het met Europese subsidies opkocht en omvormde tot een bedrijfsverzamelgebouw voor de culturele sector. Het is nu een alom erkende, succesvolle vorm van transformatie – design-aanpak – geworden dat als voorbeeld voor herbestemming van industriële gebouwen geldt.

“Transformatie is de uitdaging vanuit een steeds relevanter wordende maatschappelijke opgave. De leegstand in Nederland neemt spectaculaire vormen aan. Veel daarvan (met name in stedelijke gebieden) is van waarde waarvoor gebruiksoplossingen moeten worden aangedragen. Vanuit dit perspectief is er een belangrijke verschuiving in de focus op architectuur: van beeldcultuur en autonoom ontwerp van een object naar een vernieuwende en ontwerpende manier van omgaan met het bestaande”, aldus architect Job Roos in zijn bijdrage aan het onlangs in de Haagse Electriteitsfabriek – ook een voorbeeld van een geslaagde transformatie – gepresenteerde boek ‘Nieuw in Oud’ ter gelegenheid van het twintigjarig bestaan van de Stichting Haags Industrieel Erfgoed.

Zeker niet overal gaat herbestemmen van een leien dakje, zoals blijkt uit de pogingen het industriële gebied de Binckhorst weer nieuw perspectief te bieden. Gelet op de omvang en complexiteit is het een vorm van organische gebiedsontwikkeling, die zich minder leent voor een grootschalige ontwikkeling (hoewel daar wel visies, scenario’s en plannen voor zijn opgesteld). De huidige crisis, maar ook door de geïsoleerd ligging van deze Haagse wijk die ook een grote functiemenging en een forse diversiteit aan eigenaren en gebruikers kent, hebben geleid tot “een genuanceerde bottom-up en top-down aanpak van dit gebied”. Waar dat toe geleid heeft is nu al te zien aan de eerder genoemde Caballero Fabriek en de Fokker Terminal die nu is omgevormd tot een plek voor evenementen, zoals exposities en workshops.

Uit de fraai vormgegeven jubileumuitgave blijkt hoe noodzakelijk en urgent herbestemmen is. De sloopkogel ligt op de loer, net zoals grootschalige leegstand, verloedering en veroudering van panden, locaties en zelfs hele bedrijfsterreinen. Vaak is niet duidelijk of er nog toekomst voor dit soort projecten bestaat. Slopen, afwachten, uitstellen of suboptimale en tijdelijke vormen van herbestemming zijn dan de alternatieven. Dat dat niet nodig is bewijst deze publicatie op een overtuigende manier. Samen met ondernemers, overheid, burgers en maatschappelijke organisaties die op zoek gaan naar het onvoorspelbare ontstaan duurzame en dus dierbare vormen die het behoud van industrieel erfgoed mogelijk maken. Zeker ook in Den Haag dat enigszins ten onrechte wordt beschouwd als een ambtenarenstad. Dit beeld strookt echter niet met de realiteit. Het aanwezige – en nog niet verdwenen – industrieel erfgoed laat zien dat Den Haag door de eeuwen heen ook een stad is geweest van handwerkers en kooplieden. Veel panden die inmiddels van bestemming zijn veranderd of nog in een transitieproces verkeren, waren in gebruik voor algemene voorzieningen zoals de gasfabriek aan het Trekvlietplein, de tramremise aan de Parallelweg en het stationsgebouw van het voormalig vliegveld Ypenburg. Maar ook de befaamde Pander meubel- en vliegtuigfabriek, Willem’s Bakkerijen en boekbinderij Van Rijmenam hebben hun sporen in de stad achtergelaten. Al die panden hebben nu veelal andere functies als verzamelgebouw of museum kunnen krijgen. Veel kleine bedrijven hebben de kans gekregen om zich te ontwikkelen doordat in de afgelopen jaren oude bedrijfspanden getransformeerd zijn tot moderne bedrijfsverzamelgebouwen die voldoen aan de huidige eisen, zonder dat hun historische karakter verloren is gegaan. Daarmee blijft hun bijzondere status behouden met een eigentijdse invulling.

Drs. Robbert Coops, sociaal geograaf en werkzaam bij Schinkelshoek & Verhoog (r.coops@schinkelshoekverhoog.com)

Koos Havelaar (2013): Nieuw in Oud; 20 jaar herbestemming Haags industrieel erfgoed, Stichting Haags Industrieel erfgoed/Eindeloos Uitgevers, ISBN 978-90-78824-00-8 173 blz., 30 euro

Reageer op dit artikel