artikel

Arbeidsgerelateerde zorg zo slecht nog niet

bouwbreed

Arbeidsgerelateerde zorg zo slecht nog niet

Er is veel mis met de verzuimbegeleiding, zo meldde de FNV twee weken geleden. De vakcentrale presenteerde reacties op een meldpunt verzuimbegeleiding. Jan Warning las een rapport hierover.

In een rapport waren reacties en klachten van ruim zesduizend werknemers gebundeld. De klachten hebben betrekking op de rol van de case-manager, de positie van de bedrijfsarts en misbruik van regels.

Het FNV-rapport maakt aannemelijk dat in veel bedrijven er veel valt te verbeteren aan de verzuimbegeleiding. Het is belangrijker om dit signaal op te pakken en te kijken hoe weeffouten in het systeem kunnen worden verholpen.

Het huidige systeem, waarin de werkgever verantwoordelijk is voor loondoorbetaling in de eerste twee ziektejaren, heeft er wel mede voor gezorgd dat het ziekteverzuim sinds de jaren negentig drastisch is verminderd. Daarmee gepaard ging een verandering in het denken over hoe om te gaan met zieke werknemers.

Beïnvloedbaar

Vroeger werd ziekte beoordeeld als iets dat werkgever en werknemer overkwam. Regelingen zorgden ervoor dat de werknemer in de ziektewet ging en de werkgever geen financiele verplichtingen had.

Tegenwoordig wordt afwezigheid op het werk door ziekte beschouwd als beïnvloedbaar. Een werknemer met een gebroken been wordt thuis opgehaald om zittend bureauwerkzaamheden te verrichten. Wanneer daartoe in gezamenlijk overleg wordt besloten is daar niets op tegen. Wel kwalijk is het wanneer medische informatie zonder medeweten van de werknemer wordt doorgespeeld naar het bedrijf en de werkgever ‘voor doktertje gaat spelen’.

Het toeval wilde dat op dezelfde dag dat de FNV zijn rapport presenteerde, de SER een hoorzitting hield over de arbeidsgerelateerde zorg. Minister Asscher heeft aan dit adviesorgaan gevraagd met een visie te komen op het stelsel van preventie en begeleiding van gezondheidsklachten die ontstaan door het werk. Grofweg bestaan er twee opvattingen hoe het huidige stelsel te verbeteren. De eerste zienswijze legt een belangrijker rol bij de huisarts. Deze is bij uitstek een vertrouwenspersoon van de werknemer en wordt gefinancierd door de reguliere zorg. De tweede zienswijze legt meer nadruk op de sectorale organisatie van de arbeidsgerelateerde zorg.

Tijdens de hoorzitting luisterde de SER met bijzondere belangstelling naar de ervaringen met deze tweede variant in de bouwnijverheid. In onze bedrijfstak is de preventie van beroepsgebonden aandoeningen middels het PAGO collectief gefinancierd. Werknemers hebben volgens de cao recht om een arbeidsgezondheidskundig onderzoek te ondergaan. Dit leidt indien van toepassing tot een advies om de arbeidsomstandigheden of leefstijl te verbeteren. Werkgevers kunnen een geanonimiseerde rapportage ontvangen. Dit rapport geeft een overzicht hoe het staat met de gezondheidstoestand van de werknemers in het eigen bedrijf en wat er nodig is om verbetering aan te brengen.

Silicose

Het grote voordeel van de sectorale benadering is dat er meer kennis is over beroepsspecifieke aandoeningen. Een voorbeeld. In de bouwnijverheid wordt jaarlijks enkele tientallen keren de diagnose van silicose gesteld. Voor een gemiddelde huisarts is de kans om deze aandoening aan te treffen in de eigen patiëntenpopulatie verwaarloosbaar klein. De huisarts zal hier dus niet op gespitst zijn. Een bedrijfsarts heeft dagelijks bouwplaatspersoneel op het spreekuur en ontvangt vanuit de bedrijfstak informatie over risicofactoren. Op deze manier kunnen gevallen van silicose vroegtijdig worden opgespoord. Bovendien behoort het bij de professionaliteit van de bedrijfsarts om zo nodig advies te geven aan de werkgever.

Een belangrijk aspect is verder de financiële onafhankelijkheid van de bedrijfsarts. In de bedrijfstak is een knip gemaakt tussen de financiering van de preventie van beroepsgebonden aandoeningen (gebeurt collectief door de bedrijfstak) en de begeleiding van zieke werknemers (is voor rekening van de werkgever).

Alle voor- en nadelen afwegend is het stelsel van arbeidsgerelateerde zorg in de bouwnijverheid zo slecht nog niet. Misschien verklaart dat wel de speciale belangstelling van de SER.

Jan Warning, directeur Arbouw 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels