artikel

‘Innovatie blijft nog beperkt tot wat koplopers en individuen’

bouwbreed Premium

Wie niet innoveert en zich niet onderscheidt van de rest, valt om. Die keiharde les heeft de crisis van de afgelopen jaren wel geleerd. Stapje voor stapje veranderen processen, technieken en producten, maar, zegt Age Vermeer, het gaat “langzaam, tergend langzaam. Het zit niet in onze bouwgenen.”

De bouwsector maakt het zichzelf moeilijk en is nog nauwelijks doordrongen van de mogelijkheden om stappen te maken bij de logistiek, digitale verwerking of het gebruik van apps om gegevens te verifiëren.

Positief is dat daardoor nog grote stappen zijn te maken, met grote kostenreducties en efficiencyslagen. Negatief is dat de bereidheid om kennis te delen en samen te werken beperkt is. Slimme ideeën komen zelden verder dan een goedbedoelde pilot. Het initiatief van de Asfaltwinkel liep daar bijvoorbeeld op stuk en ook het licht reflecterend ‘Luminumpave’ beperkt zich na vijf jaar tot een armzalig stukje van enkele honderden meters.

“De markt wijst graag naar de opdrachtgever die moet aanbesteden en meestal gunt op de laagste prijs, maar we leggen onszelf ook barrières op”, constateert voorzitter Age Vermeer van de Innovatie-estafette. Binnen zijn eigen concern, Dura Vermeer waren bijvoorbeeld plannen om de twee Coentunnels uit te voeren met een nieuw soort asfalt, waarbij de toevoeging van kunststof de levensduur zou verlengen. “Intern ketste het voorstel al af omdat de risico’s niet helemaal duidelijk waren en de tijdsdruk op de uitvoering te groot.” Waarschijnlijk had de innovatieve asfaltsoort wel moeten plaatsvinden binnen het dbfm-contract waar ook twintig jaar onderhoud bij hoort.

< vervolg van pagina 1

De directeur van Dura Vermeer divisie Infra ziet wel degelijk een aantal trends: onderhoud (“let op: de meeste innovatie zal plaatsvinden binnen de langjarige onderhoudscontracten”) duurzaamheid, (“maar dan zonder geitenwollen sokken”), de ‘bordenloze’ weg, (“auto’s worden slimmer, maar het zal nog lang duren voordat wegenbouwers zich alleen hoeven te beperken tot asfalt”) en standaardisering. “Noem het legolisering”.

De ontwikkelingen gaan Vermeer niet snel genoeg. Ideeën lopen vaak stuk op de weerbarstige aanbestedingspraktijk en bewezen technische kwaliteitseisen. “Maar waar een wil is, is een weg. Letterlijk. We moeten anders verder en daar zijn alle partijen bij nodig, maar dat besef is gelukkig wel doorgedrongen.”

Innovaties en de bouwsector liggen elkaar slecht en vinden elkaar moeilijk, moet hij toegeven, maar de inzet is om de komende estafette in november met doorbraken en concrete resultaten te komen. De Club van Maarssen zette begin deze eeuw de trend in, met de versnelde uitvoering van de 2×5 rijstroken op de A2 als meest tastbare resultaat.

De afgelopen jaren gebeurde al van alles, maar de meeste stapjes zijn bescheiden en niet zo erg zichtbaar. De ‘big bang-aanpak’ heeft er over de hele linie voor gezorgd dat projecten die vroeger tien weken kostten, nu in een of twee weekendafsluitingen zijn uitgevoerd. “Wegwerk levert nog maar zelden veel hinder in de spits. Nu is maandagochtend ineens de verkeerssituatie veranderd, maar de overlast is voorbij.” BIM en ‘lean’ beschouwt de infra-expert als innovatieve middelen om de processen te stroomlijnen. “En elk bouwbedrijf heeft zijn eigen duurzame asfaltsoort bedacht, met mooie namen als LEAB, Greenways, Konwecool en Ecopave.” Ook de verjongingscrèmes voor asfalt en het zelfhelend beton doen het goed als nieuwe innovaties om levensduur te verlengen.

De huidige bouwgenen zorgen er volgens Vermeer voor dat de bouw nog steeds veel liever improviseert dan standaardiseert. Over de grens van de sector kijken naar andere goed renderende en innovatieve bedrijven ligt nog veel moeilijker. Maar mutatie is wel degelijk mogelijk.

“We kunnen als bouw geweldig veel leren van bedrijven als Ikea, waar marketing het uitgangspunt is bij het ontwerp van een product, waar constant wordt nagedacht over duurzaamheid, logistiek en transparantie. Of van de auto-industrie waar het product auto steeds 100 procent betrouwbaar wordt afgeleverd, maar met allerlei opties om te variëren zodat de koper toch zijn eigen inbreng en keus terugziet. Als ik dat in bouwkringen poneer, krijg ik vaak meewarige blikken. Innovatie in de bouw blijft nog beperkt tot wat koplopers en individuen, maar het is hoog tijd dat de hele lijn omgaat.” Innovatie hoort in zijn ogen geen aparte afdeling te zijn binnen een bedrijf, maar integraal onderdeel van de hele bedrijfsvoering. Vermeer ziet dat de jonge generatie eist om te werken bij duurzame en innovatieve bedrijven en hij verwacht dan ook dat de beweging van onderop zal inzetten.

De crisis heeft de focus wel heel erg gelegd bij de laagste prijs, maar toch wil hij niet somberen en hij ziet ook dat de crisis dwingt tot scherpe keuzes, een slimme aanpak en luisteren naar de vraag achter de vraag. “Het gevoel van urgentie dat we het de komende jaren niet redden, zonder gezamenlijke aanpak is wel groter dan ooit. Dat innovatie een kans moet krijgen, leeft bij zowel markt, overheid als kennisinstituten. Eigenlijk zou ik het liefst af willen van het etiketje innovatie. Het echte doel is een ‘mindset’ en omslag in denken die beklijft bij de hele lijn en keten. Luisteren naar de vraag achter de vraag en daar dan volledig op inspelen, maar ook een opdrachtgever die openstaat voor vernieuwing”, droomt Vermeer, beseffend dat de komende vijf jaar die prijs nog steeds de hoofdrol zal spelen.n

Slim idee komt zelden verder dan pilot

Reageer op dit artikel