artikel

Bouwen aan innovatie

bouwbreed Premium

Dat het kabinet blijft investeren in innovatie is goed nieuws voor de bouwsector. Zodra nieuwe technologieën worden opgeschaald van lab naar pilot ontstaan er namelijk constructieopgaven. En het inpassen van innovatieve bedrijvigheid in steden of regio’s vraagt om een modernisering van grootstedelijk gebied.

Innovatie is een van de weinige beleidsterreinen die ontsnappen aan de bezuinigingskoorts van het kabinet. Minister Kamp maakt dit jaar 6,8 miljard euro vrij voor innovatie. En via het Nederlandse Kennis- en Innovatiecontract 2014-2015 dragen ook bedrijven en publieke kennisinstellingen een steentje bij. Al die publieke en private investeringen moeten de concurrentiepositie van ons land versterken. Ook leveren ze een bijdrage aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken op het gebied van onder andere voedsel, water en energie.

Ook al is er geen aparte topsector voor de bouw, investeren in innovaties is goed nieuws voor de bouwsector. Want of het nu gaat om een windmolenpark of een pilot plant voor biobased technolologie, vrijwel iedere innovatie heeft uiteindelijk een fysieke component. Zodra een vinding het laboratorium verlaat om in de praktijk te worden getest of toegepast, ontstaat er een maak- en constructieopgave. Zo is er een infrastructuur nodig om te profiteren van een vernieuwde, conische windturbine met hoog rendement, net zoals een spaarlamp goed kan werken dankzij een armatuur. De bouwsector doet er goed aan om tijdig aan te schuiven bij degenen die nu nog experimenteren in het laboratorium.

Een tweede impuls die de bouw mag verwachten van het innovatiebeleid, is stedelijke vernieuwing en regionale ontwikkeling. Door innovatie aangezwengelde economische activiteiten zullen uiteindelijk ergens ‘landen’, en zo de concurrentiekracht van een stad of regio verstevigen. Goede voorbeelden zijn de ontwikkeling van een brainport in regio Eindhoven en de modernisering van grootstedelijk gebied in de Randstad. Om onze steden aantrekkelijk te maken voor innovatieve bedrijven en hun werknemers is wel nog een flinke renovatie- en verdichtingsslag nodig.

Gelukkig beschikt ons land op dit gebied over een schat aan kennis en ervaring. Zo genieten onze architecten en stedenbouwers wereldfaam en blinken Delftse en Wageningse ingenieurs uit op het gebied van civiele techniek en voedselproductie. Geen wonder dat het Massachusetts Institute of Technology (MIT) naar Amsterdam komt om in het Institute for Advanced Metropolitan Solutions te onderzoeken hoe je de leefbaarheid van steden kunt verbeteren. Door bijtijds bij deze ontwikkelingen aan te sluiten, brengt de bouwsector zich in een positie om een stevig fundament onder de innovatieambities van het kabinet te leggen.

Ir. Dick Schmidt, algemeen directeur Gebouwde Omgeving, TNO

Reageer op dit artikel