artikel

Gebiedsontwikkeling vanuit de vraagkant

bouwbreed

Gebiedsontwikkeling vraagt om een nieuwe proceskunst. De aanpak is niet meer van bovenaf, maar vanuit de vraagkant, vinden Robbert Coops en Bert Wolting.

NederlandBovenWater (NLBW) speurt permanent naar nieuwe, beter functionerende arrangementen voor gebiedsontwikkeling, die er voor moeten zorgen dat Nederland esthetische waarden en slagkracht combineert. En daarbij ook ruimtelijk concurrerend blijft voor burgers en ondernemers om zich te vestigen en te ontwikkelen. Gebiedsontwikkeling oude stijl heeft onthutsend duidelijk en snel aan slagkracht en levensvatbaarheid verloren. Nodig is een aanpak die niet meer van bovenaf wordt opgelegd, vanuit de aanbodkant, maar vanuit de vraagkant, van onderop.

Greep en regie

De afgelopen vijftien jaar is veel geschreven over procesmanagement om de grote ingewikkelde gebiedsontwikkelingsprojecten als Vinex-gebieden, winkelcentrumontwikkelingen, herontwikkeling van bedrijfsterreinen en infraprojecten adequaat te managen. Processen werden vaak uiteengerafeld tot procedures met overigens wel veel aandacht voor de ingewikkelde besluitvormingsprocedures tussen en bij de vele actoren die betrokken waren bij de projecten. In het verlangen greep en regie te willen houden, werden slecht functionerende procedures deels gerepareerd en zogenaamd aangepast aan de tijd door enerzijds meer partijen toe te laten in de voorfase maar anderzijds toch vaak de roep om één regie of bevoegd gezag te benoemen. Dit bleek geen garantie voor succes.

Wat nodig lijkt is een proceskunst die in staat is recht te doen aan een variatie van belangen van elk van de partijen, maar vervolgens in staat is om van daaruit een gedeeld belang te ontwikkelen die ervoor zorgt dat partijen individueel tot resultaat komen en gezamenlijk meerwaarde creëren. Die nieuwe proceskunst heeft kans van slagen, althans wanneer partijen erin slagen eigenbelangen te verankeren in processen waarin ze participeren. Zij zullen bovendien boven hun eigenbelangen uit willen stijgen, zonder deze te verloochenen. Partijen zullen ook moeten willen inzien dat niemand de creatie van meerwaarde kan afdwingen. Dat wordt assemblage genoemd en zet in op het combineren van initiatieven (programma als ontmoeting van product en project (initiatief), principes en perspectieven. Ontvankelijkheid en het vermogen toegevoegde waarde te zien en te vormen zijn kernkwaliteiten. Ontbrekende schakels vormen immers de achilleshiel van elk gebiedsproces. Het vermogen deze van buiten naar binnen te brengen vormt een onmisbaar element van assemblage. Wie daar goed in is – overheid, private partijen of adviseurs – zal blijken in de praktijk. Tenslotte zullen deze partijen regelmatig moeten bezien wie op welk moment een tijd lang de leiding op zich kan en wil nemen.

Deze vernieuwende aanpak wordt in een recent cahier van de NLBW beschreven en soms geïllustreerd met casuïstiek. Duidelijk is dat er nog sprake is van gewenning en een transitieproces. Het gaat immers om een aanpak die we ons nog niet eigen hebben gemaakt. De oorzaak is vaak een start in het verleden vanuit de oude top-down procesaanpak en het ontbreken van voldoende vermogen te handelen vanuit de aanbodkant. Toch blijkt men er al in te slagen om in enkele projecten deze nieuwe aanpak te implementeren. En dat met voorzichtige successen. Het is dan ook alleszins de moeite waard om lopende projecten te evalueren met deze nieuwe aanpak van proceskunst.

Dilemma

Het model, door de auteurs van het op innovatieprogramma NLBW op de Spiegeldag op 12 december jl. gepresenteerd, leverde overigens , naast kritische noten terecht veel bijval op. De roep om passende proceskunst is nu beantwoord in een cahier dat onder eindredactie van professor Geert Teisman, codirecteur van NLBW, tot stand is gekomen. Hierin staan de voorstellen om krachtige ontwikkelprocessen te laten ontstaan, die rekening houden met de veranderingen die in het systeem van gebiedsontwikkeling zijn opgetreden. Het door Teisman gepresenteerde gedachtengoed houdt ook een dilemma in: in welke mate heb je continu een sterk regisserende overheid nodig of kan je in vertrouwen meer overlaten aan het wisselende leiderschap van marktpartijen, particulieren en de overheid?

Het wordt tijd de zoektocht naar een nieuwe proceskunst voort te zetten door vooral praktijkervaringen in dit nieuwe concept te integreren waardoor het model ook operationeel wordt.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels