artikel

Inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht

bouwbreed Premium

Onlangs publiceerde Luc Schaap, directeur van advies- en ingenieursbureau LBP/ Sight een artikel in Cobouw over nieuwe isolatiematerialen. De auteur is van oordeel dat er zo snel mogelijk onderzoek moet komen naar het gebruik van brandbare isolatiematerialen.

Schaap stelt dat als gevolg van almaar strengere energie eisen, gebouwen beter worden geïsoleerd. “Met traditionele materialen zoals steen- en glaswol valt dat nauwelijks te realiseren. Zo moet de spouw breder, en zijn wellicht nog andere bouwkundige aanpassingen noodzakelijk. Dat is de reden dat steeds vaker voor kunststof isolatiemateriaal wordt gekozen”. Platen kunststofschuim hebben een hoge isolatiewaarde bij een geringe dikte, maar zo waarschuwt Schaap: “Kunststof isolatiemateriaal brandt juist heel goed”.

Indien er brand uitbreekt kan dat volgens schrijver snel over de hele gevel uitbreiden. Vervolgens meldt hij dat in Nederland al veel gevaarlijke situaties zijn gesignaleerd. Daarom pleit Schaap voor onderzoek. Allereerst spreekt Schaap over nieuwe isolatiematerialen. Ik wil hem eraan herinneren dat al decennia kunststofisolatie wordt toegepast, juist door de vele voordelen van dit materiaal. Kunststof isolatie is dus zeker geen nieuwkomer; het maakt al jaren substantieel deel uit van de isolatiemarkt.

Verder is het Schaap wellicht ontgaan dat drie jaar geleden Efectis Nederland uitvoerig onderzoek heeft verricht naar de brandveiligheid van isolatiematerialen. De aanleiding van dit onderzoek, in opdracht van de toenmalige minister voor Wonen, Werken en Integratie (WWI), vormde een brief van Rockwool aan de toenmalige vaste kamercommissie voor WWI naar de brandveiligheid van toepassingen van brandbare isolatiematerialen in de bouw. Als Schaap dit rapport zou hebben bestudeerd, was hij tot de conclusie gekomen dat hij de plank mis slaat.

Op basis van dit onderzoek komt Efectis tot de conclusie dat de huidige toepassing van kunststof isolatieplaten over de gehele bouw geen belangrijke bijdrage levert aan de ontwikkeling van de brand. De bijdrage van kunststof isolatiematerialen is volgens de onderzoekers meestal niet en waarschijnlijk zelden significant in het totaal van door alle aanwezige materialen geproduceerde ontledingsgassen. Ook de toxiciteit van rookgassen van brandbaar isolatiemateriaal is niet significant groter en in diverse gevallen waarschijnlijk lager dan die van andere gangbare bouwmaterialen.

Efectis komt tot de slotconclusie dat het brandveiligheidsniveau van de huidige kunststof isolatiematerialen niet significant onveiliger is dan het algemene brandveiligheidsniveau. Vervolgens is het voor Schaap raadzaam om ook eens het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) van 7 oktober 2009 te raadplegen.

De OVV komt tot de conclusie dat de brand in de casus van dit rapport juist snel om zich heen heeft kunnen grijpen door het ontstaan van een rookgasexplosie en niet door het uitgassen van de isolerende sandwichpanelen. Deze hebben hoogstens een marginale bijdrage aan de brand geleverd. De commissie Helsloot, die deze brand eerder had onderzocht en tot de slotsom kwam dat het isolatiemateriaal substantieel zou hebben bijgedragen aan de brand werd gevoelig op de vingers getikt, waardoor zij op dit punt gas terug moesten nemen.

Conclusie. Met enige regelmaat zijn er krachten aan het werk die proberen de brandveiligheid van kunststof isolatiemateriaal aan de kaak te stellen. Schaap is het meest recente voorbeeld hiervan. Ik adviseer hem om eerst eens de beschikbare rapporten op dit terrein te bestuderen alvorens onjuistheden te debiteren en daarmee bepaalde materialen in een negatief daglicht te plaatsen.

André Donders, Directeur van de Nederlandse Vereniging van Polyurethaan Hardschuimfabrikanten (NVPU)

Lees hier het opinieartikel van Luc Schaap, directeur van advies- en ingenieursbureau LBP/ Sight

Reageer op dit artikel